Liefde in tijden van tweelingouderschap

Drie jaar. Drie jaren samen, markeerden we laatst.
We keken naar de tweeling van 15 maanden.
We verbaasden ons. In het eerste jaar zijn we gaan samenwonen (emigreren, van mijn kant). In het tweede jaar kregen we de tweeling. In het derde jaar nam ik ontslag en startte ik mijn eigen zaak. En toch voelde het nooit als snel, hals-over-kop, raar.

Het is avond. De regen striemt tegen de ramen. Wonder-o-wonder, alle kinderen liggen in bed. We kijken een detective. Ik drink ginger-curcuma-latte. Shit, denk ik. Mijn oogleden zijn weer zo zwaar. Ik kijk op de klok. Tien na negen nog maar. Ik kijk naar de Man. Zou ik…? Nee, doorzetten. Even later zeg ik het toch. Dat ik op ben. Zoals zo vaak zetten we de aflevering stop twintig minuten voor het einde, wat vrij stom voelt, zo dicht bij de ontknoping. Ik duik ons bed in. De Man doet de lichten uit en zet de vaatwasser aan. Op het moment dat hij komt slapen, slaap ik al diep.

Het is nacht. Het kleinste ontembare kind huilt. Ik hijs haar uit het bedje aan mijn kant van het bed en leg haar slaapdronken tussen ons, waar ze zich content nestelt en verder slaapt. Even later wordt de andere dochter aan zijn kant van het bed wakker. Die mag ook aan boord, maar vindt haar draai niet, hoest, worstelt. Midden in de nacht vertrekt hij naar beneden met haar, om te zorgen dat ik en de mini kunnen slapen. Als de wekker gaat, voelen we ons allemaal weer beroerd.

Een uitstapje. We gaan naar het museum met de tweeling. Als we aankomen, help ik de Man de grootste in de draagdoek te zetten. Als ik de kleinste wil pakken, spuugt ze de hele auto onder. Als een geoliede machine poetsen we de auto, kleden we het kind om, troosten haar en haar zus, laden we iedereen weer in, rijden we naar huis, wassen we iedereen, wassen we alle jassen en alle kleding waar spuug op gekomen is. En dan is het etenstijd en eet het zieke kind drie borden pasta.

Liefde in tijden van tweelingouderschap. Heel spannend is het allemaal niet. Heel lief wel. En heel echt. En heel erg dit-zou-ik-nooit-willen-missen. En ook: ik ben zo zeker van hem.

Advertenties

Overbodige luxe (vervolg)

De vakantie loopt ten einde. In tegenstelling tot wat ik eerder schreef, lukte het me wel om er wat ‘in te komen’. Plots was ik gewend aan het tempo, de supermarkten, een dagje wel en een dagje geen uitstapje, het ontbreken van tijd alleen, het heel-de-tijd-samen.

En intussen kantelt de vakantie weer naar het einde toe en merk ik vakantie-moeheid bij iedereen. Het weer is omgeslagen, de bagage moet gemaakt worden, de boel opgeruimd, afgesloten, de terugreis aangevat.

[Mijn ultieme vakantietip voor het reizen met jonge kinderen: stop niet in McDonalds of wegrestaurants, maar stop bij de IKEA. Op de heenweg zette ik een zwarte baby terug in de maxi cosi, nadat ik haar even had laten kruipen in een wegrestaurant. Haar handjes, knietjes, onderbenen en bovenkant van haar voetjes, waren smoezelig zwart. De volgende stop deden we bij IKEA, een feest met een kinderverzorgkamer, kinderstoeltjes, kinderservies, babyvoeding, relatief verantwoorde voeding voor de andere kinderen, gratis toiletten, babyservies en – slabjes… O, wat een luxe!]

Bij het opruimen verzink ik in gedachten. Ik realiseer me plots dat er iets anders is dan de andere jaren. Meestal heb ik een resem goede voornemens op vakantie. Ver weg van huis is het makkelijk om een gesimplificeerde versie van de thuissituatie te zien en je voor te nemen gezonder te eten, meer te sporten en geen tijd meer te besteden aan netflixen als er ook goede boeken te lezen zijn. Dit jaar heb ik geen goede voornemens. Ik ga het roer niet drastisch omgooien, geen 1000 keer betere versie worden van mezelf. Komt het omdat ik realistischer ben geworden met de jaren? … Als de Man binnen komt, weet ik het. Het leven zoals we dat hebben, lijkt erg op mijn ideaal.

En nu, huiswaarts!

De ultieme relatietest

Voor iedereen die een ultieme relatietest wil, raad ik de volgende mix aan:

  • Een hittegolf
  • Een stacaravan
  • Een zoon van 9, een zoon van 5
  • Twee zieke baby’s (met koorts)
  • Luizen
  • Constipatie (ik ben zo iemand die niet naar toilet kan op een ander)

We hebben het weekend van ons leven gehad. Een jaar met een tweeling was peanuts in vergelijking met het voorbije weekend. De Man wou graag eens proberen kamperen. We boekten online een stacaravan, maar eenmaal daar vond ik het zo ontzettend triest (ik ben nogal gevoelig voor sfeer en de stacaravan stond op een plek waar mensen ook leken te wonen in hun caravan en op zich is het al best een sneu ding). We ontdekten al vrij snel dat we een probleem hadden met het beveiligen van het slaapproces van de baby’s omdat de bedden niet verschuifbaar waren. De grote baby sliep in een bedje dat midden in de stacaravan moest. De kleine sliep bij mij, waardoor ik tegelijkertijd met haar naar bed moest omdat ze makkelijk uit bed kon vallen.

Beide dames hadden koorts. En er was een hittegolf.

Op zaterdagavond deden we er meer dan drie uur over om de baby’s in slaap te krijgen. Daarna begon een onrustige nacht waarin de mini elk half uur wakker werd.

De jongens hebben luizen en ik vast ook – imaginair of echt – maakt dat uit?

Midden in de vreselijke nacht hoorde ik een bonk. Ik ging kijken bij de kleine zoon die glazig naar zijn raam zat te kijken. ‘Er is hier iemand die zegt dat ik dingen moet doen,’ zei hij. Waar dan, vroeg ik. Hij wees langzaam met zijn vinger naar het raam. Ondanks de warmte kreeg ik kippevel all over.

Het leven zoals het is. Er zijn idyllische momenten, maar euhm. Dit was er geen.

De Man en ik hebben maar drie keer ruzie gehad. We konden er vrij snel ook mee lachen, zij het nog wat groen. Toen we weg reden, keken de jongens verlangend naar het meertje waarin ze uren hadden gespeeld en gezwommen. ‘Wanneer komen we terug?’, vroegen ze.

Koortsachtig

De zon schijnt. Ik kijk op de klok en zie dat het 15u is. De laatste keer dat ik keek, was het 10u. Ik heb uren gewerkt. Koortsachtig.

Ik neem mijn sleutel, wandel mijn kantoortje uit, sta midden in de stad. Ik scoor een makkelijke avondmaaltijd (hummus, heerlijke couscous, falafelballetjes en groenten), gooi twee boeken door de schuif in de bib en haal een koffie bij mijn favoriete zaakje. Mijn hakken tikken als ik terugwandel naar kantoor. Niet het kantoor, maar mijn eigen ini-mini-kantoortje.

Het is een rare tijd. Enerzijds heel dynamisch. Ik leer veel, volg opleidingen, creëer, installeer, denk na. Anderzijds gebeurt er ook niets. Ik ben nog niet echt uit de startblokken dus ben ik de hele tijd aan het droogzwemmen.

Enkele jaren geleden had ik ook een periode van grote dynamiek. Ik was net van baan veranderd, had een periode waarin ik me even wat beter settelde in het singlemomverhaal, deed trouw elke dag yoga. Het was mooi en intens en bijzonder en ik herinner me dat ik aan de zee stond en dat het leek alsof de sky de limit was en tegelijkertijd alsof ik heel goed diep in mezelf gezonken was.

Zo voelt het weer. Het gaat goed. De oppas is ingeburgerd, de kinderen doen het goed (al zou een nachtje slapen wel lekker zijn), de Man en ik hebben goede gesprekken én gezamenlijke projecten, ik verbreed mijn rol van enkel moeder thuis naar startend ondernemer. Ik leer en heb allerlei initiatieven. En ik ga naar de sportschool, waar ik de eerste keer stond te janken omdat ik het allemaal niet eerlijk vond dat mijn lijf zo geleden heeft onder mijn tweelingzwangerschap, maar waar ik nu vrolijk mee allerlei lesjes doe. (En weet je wat? Ik heb een lichaam! Van mezelf! En daar kan ik dingen mee!)

Natuurlijk is dit de veilige zone. De zone van stilte voor de storm. Van plannen maken zonder die te moeten toetsen aan de realiteit. Van tijd ter beschikking hebben. Van alles-wat-ik-nu-doe-is-winst. En het is ook wat angstig en ongemakkelijk en spannend.

Zo neem ik de nieuwe bakfiets, en fiets ik in twee minuten naar huis. Blij met hoe alles is geworden. En wordt.

Over een ontembaar kind en mijn spirituele bereik

Ik heb een soort van ‘spiritueel bereik’. Er zijn dagen dat ik het gevoel heb dat alles is zoals het moet zijn, dat allerlei dingen op mijn pad komen, dat ik vertrouwen heb in de kant die het allemaal uitgaat. En er zijn dagen dat het donker is en dat ik boos en verongelijkt ben.

In mijn morning pages maakte ik een lijn, een boog. Ik tekende twee poppetjes bij de uitersten. De ene groot en blij, armen in de lucht. De andere met hangende schouders. Beiden ik.

De boog bestond uit woorden.
opendankbaarzachtconnectedonrustigboosjaloersverongelijkt

(Ik vergeet nog heel veel woorden, het is een beginnetje.)

De laatste dagen zijn er veel ervaringen waardoor ik me aan de linkerkant bevind. Een bijzondere ontmoeting met iemand waarmee de golflengte klopte. Een contact met een manager van mijn organisatie die hetzelfde meemaakt als ik, alleen was hij niet bevallen maar had hij een hartaanval (seriously). Een lange autorit alleen. Een gesprek dat borrelt van de ideeën. Even terug in Leuven zijn. Op bezoek zijn bij de mooiste mensen die ik ken en daar chocomousse voorgeschoteld krijgen. Langslopen bij een vriendin hier in de buurt en zelfs in de korte beschikbare tijd een geniaal gesprek voeren. Denken aan de dochters – intens ouderschap op dit moment want ze sukkelen met ziekte en steken elkaar heel de tijd weer aan. En me realiseren dat ik een ONTEMBAAR KIND heb gebaard (kleine zus). En een lieve koala (grote zus). Hoe heftig het ook is (de Man was ongeveer gesloopt na mijn tripje naar België, het ontembare kind had hem onvermoeid bezig gehouden – hij had zelfs voorgelezen en dat vond ik heel schattig), het blijft zo een wonder.

Veilig aan de linkerkant, voelt het even alsof alles goed is, niets zomaar gebeurt en alles goed zal komen. Ik denk dat ik hier maar even blijf.

Happy happy

Niet alle dagen zijn ploeteren. Vandaag was een erg leuke dag met de baby’s. We dronken thee met bezoek terwijl ze sliepen in mijn armen, beurtelings. Daarna dronken ze terwijl ik een leuke serie keek. En na een beetje geknuffel (en lunch) op de bank, zijn we samen gaan shoppen. Borstvoedingsproof kledij! Veel modelletjes van King Louie hebben een goede decolleté waar je snel even een borst uit wipt, maar dit jurkje is ook bijzonder geschikt.

In de winkel wiegde de verkoopster de baby’s terwijl ik in het pashokje was. We praatten over haar kinderen en baby’s en mijn postnatale lijf en het was reuze gezellig. Daarna gingen de baby’s en ik de stad verder in. Soms heb ik er een hekel aan, de verrukte kreetjes, het aangesproken worden (soms heb ik haast, of geen zin om aan vreemden te vertellen dat ze inderdaad een tweeling zijn, zelf gemaakt ja, spontaan, twee-eiig, x aantal weken oud, inderdaad leuk ja, een rijkdom, dat ook, nee niet mijn eersten, ja twee meisjes). Maar soms is het ook erg grappig en lief. Zoals bij de dokter, waar ik in de wachtzaal borstvoeding gaf en een mevrouw naar me toe kwam en ze: ‘dankjewel, dat was zo mooi’. Of op open monumentendag, waarop een mevrouw mijn hand nam en stralend zei: ‘gefeliciteerd, he, gefeliciteerd’. (Ze had een zachte, warme hand.) Of toen de pubermeisjes kirrend voorbij reden (kijk, die baby’s!) en er één tegen de vlakte ging (gelukkig geen verwondingen). Het is een attractie.

Het lukte me avondeten te maken, de baby’s gingen om 20u naar bed (en vroegen alweer een voeding om 21u30 – ze eten nog steeds 8 tot 10 keer per dag!), ik heb alle was daarna nog opgevouwen en het grote bed nog verschoond. Dat is zowaar een succes te noemen.

Nog leuke banaliteiten.
– Nu ik hier 1,5 jaar woon heb ik EINDELIJK geleerd zelf melk te schuimen voor een cappuccino. Blijkt er (bijna) niets aan te zijn. Zucht.
– Tijdens de borstvoeding lees ik boeken van Helle Helle. Toevallig uit de bib meegenomen. Er gebeurt geen klap in die boeken en toch lees ik ze ademloos uit.
– Eén van de baby’s heeft een keer doorgeslapen. Het is een begin. Ik ben overigens niet zo uit op doorslapen, want ik vind het niet goed voor de borstvoeding.
– Kleine broer vroeg gisteren aan de Man of hij nog eens een pitje in mijn buik kon doen. Want hij wou nog wel een setje tweelingzusjes. Voor mij hoeft het niet zo nodig.
– Ik ben er aan toe een paar uur in de bib wat te gaan werken voor mezelf. Na 10 weken :). Ik vind het wel spannend.
– Ik ontdek telkens weer hoe goed het is af te spreken met andere mama’s. Dat breekt de dagen met kinderen.
– De osteopaat heeft Kruimel deugd gedaan. Ze spuugt minder! Ze lijkt zich ook wat beter te voelen. (Als ze spuugt, mikt ze exact tussen mijn borsten in. Dan druipt het in mijn bh. Ik kan daar voorlopig nog mee lachen.)
– De bib. Dat is dus een soort universum waar heel de dag allerlei soorten mensen rondhangen, waar je altijd naar toe kan en altijd mooie dingen vindt. Aaaaaah.
– Wat ik mis van België is a. het voedselteam en b. het bos. De Man neemt me nu op vrijdag regelmatig mee voor een boswandeling-met-draagdoeken, om te bewijzen dat hier ook bossen zijn (en warempel!). Het voedselteam is nog niet vervangen. Het zelfoogsten bleek niet voldoende op te leveren (twee bieten, drie wortels, tien aardappelen – tja). Maar afgelopen vrijdag heb ik een bio-dynamisch kraam gevonden op de markt en daar heb ik een keur aan groenten gekocht. Plots lijk ik weer te kunnen koken. Blijkbaar begint het voor mij met een resem groenten in de frigo, en dan goed nadenken wat ik daarmee kan doen.

 

Klein Geluk #3

Haha, ik hou vol, de wekelijkse rubriek met Klein Geluk.
Deze week een special over De Man.

  1. De Man had laatst een auto-ongeluk (hij was aangereden toen hij zelf een noodstop had moeten maken). Dat hakte er even heel erg in hier, want de auto was total loss, en we realiseerden ons dat de Man (en wij dus ook) veel geluk had gehad dat hij gewoon zelf uit de auto was gestapt met ‘enkel maar’ rugpijn. Anyway. De weken die volgden keek de Man allerlei filmpjes over auto’s. Ik zag hem op een avond in de weer met een excel-sheet, en toen gingen we een proefrit maken en had hij dus een perfect waterdichte rationele keuze gemaakt (rekening houdend met bijtelling en andere factoren). Dat vind ik zo cool aan hem.
  2. Jaren geleden was ik bij een vriendin gaan logeren. Mijn keel was dicht geschroefd toen we na het kinderen-in-bed-leggen beneden kwamen en haar man, we noemen hem even de Jos, het hele huishouden aan de kant had. Als ik beneden kwam moest ik immers altijd nog beginnen met opruimen en meestal was ik dan al te moe. Ze vertelden me die avond ook nog dat ze gingen trouwen. We grapten dat het toch leuk zou zijn als ik mijn eigen Jos zou hebben, en kijk. Ik heb hem gevonden. Als ik ’s avonds beneden kom na de bedritueeltjes, vertrekt hij naar boven voor nog knuffels, kussen en grapjes, en kan ik in een opgeruimde keuken een kopje thee zetten.
  3. De Man en ik gaan vaak op vrijdag (beiden vrij) koffie drinken in de stad. Laatst had hij me in een winkel een jurk aangewezen die hij mooi vond, en hij had me aangemoedigd eens wat voor mezelf te kopen. Later ben ik de jurk inderdaad gaan passen en kopen, en het voelde zo leuk om iets te kopen waarvan ik wist dat hij het mooi vond. Als ik het niet mooi had gevonden, had ik de jurk helemaal niet gekocht natuurlijk. Maar gewoon het idee dat hij er iets om gaf, dat vond ik zo grappig.
  4. De Man neemt de jongens mee naar zijn kapper. Het is een Irakese kapper denk ik, maar het zou zomaar ook iets anders kunnen zijn. Anyway, de jongens hebben daardoor een kapsel dat heel erg op dat van hem lijkt, en dat vind ik vaak heel grappig omdat ze daardoor ook op hem gaan lijken, al zijn we natuurlijk een bij elkaar gelijmd clubje van jewelste. Heb ik plots drie netjes geknipte mannen bij me op de bank. Ook hier geldt weer: leuk dat hij er überhaupt iets om geeft. Hij doet zo vanzelfsprekend mee met het verzorgen van de jongens, dat ik mezelf alert moet houden om het niet te normaal te vinden.

 

Klein Geluk #2

De Madame begon er mee en ik volg graag, believer in Klein Geluk.

Intussen denk ik dat Klein Geluk vaak ook samenhangt met kleine rituelen, gewoontes, dingen die vertrouwd zijn.

De portie Klein Geluk voor deze week:

  1. Sesamstraat. Ik vond Sesamstraat altijd al heel rommelig en chaotisch, máár we hebben nu Sesamstraat in ons vast avondritueel, met (na het eten dus) een chocomelkske. Sojamelk met Nesquick, voor dat goede oude gevoel van vroeger. Anyway, op de bank ploffen, Sesamstraat kijken samen en dan weten dat de Man de keuken opruimt terwijl ik het bedritueel doe daarna. Priceless.
  2. Tijdens een slapeloze nacht op de bank belanden. Ik heb de laatste tijd veel slapeloze nachten. Als de Man dan toevallig een sonoor geluid produceert, vertrek ik met een donske naar de bank. Weten dat ik als het slapen echt niet lukt, kan netflixen of een boek lezen, helpt me meteen instant onder het zeil. Bovendien hoor ik mensen midden in de nacht voorbij wandelen, al dan niet in mijn sluimertoestand. Soms knisperen hun voeten in de sneeuw. Dat vind ik altijd zo fascinerend. Wie loopt daar en waarom?
  3. Laatste mochten we gaan kaasfonduen bij de buren, en dat was zo schoon. Het zijn ongeveer de liefste mensen die ik ken en ze wonen naast ons. Het was zo gewoon en gezellig en vertrouwd. De lieve buren hebben best wat meegemaakt in hun leven, en ze zijn daardoor getekend maar niet bitter geworden. Dat vind ik heel bijzonder en dat geeft me altijd zo veel hoop. Het is alsof ze mij met mijn voeten op de grond zetten door wie ze zijn. In dat huis is alleen Klein Geluk van belang en alle andere sores tellen niet of worden toch erg op hun plek gezet. Zo voel ik het. En kaasfondue is verdraaid lekker. Dat ook.
  4. Laatst was ik op het werk. Ik heb toch blijvend twijfels of ik het kan en wil. En toen was ik er en moest ik een idee presenteren aan ongeveer 25 collega’s en het was zo mooi hoe leuk iedereen reageerde. Opbouwend, constructief, leuke grapjes, open, complimentjes. Dit is mijn club, dacht ik, dit is absoluut mijn clubje. Bij deze lieverds wil ik horen! Ik voelde me zo aanvaard en geapprecieerd om wie ik ben. Helaas heeft dat gevoel zich nog niet vertaald in een nieuwe portie moed, maar dat ligt meer aan mezelf.

Keep posted, voor nog meer Klein Geluk. En post vooral ook het jouwe, in de comments of elders.

 

Klein geluk #1

De Madame heeft een mooie rubriek gelanceerd, en eigenlijk wil ik wel meedoen.

Ik geloof namelijk in Klein Geluk.

Mijn leven is een pak beter dan twee jaar geleden (toen: alleen, moe, ziek, twee kinderen met wie het ook niet zo super ging). Maar ook een pak saaier. Er gebeurt zo weinig. Maar echt geluk zit niet in de grootse spannende dingen, maar in het kleine.

Ik wil bijvoorbeeld best nog eens op reis of lekker uit eten, maar nu dat een mogelijkheid is met de Man, is het ook maar wat het is en ben ik niet zo ontzettend geneigd om me in te spannen om die dingen die volgens mij in categorie groter (want duurder) geluk horen, ook echt te plannen.

Geef mij maar Klein Geluk. Door er (wekelijks?) over te schrijven, geloof ik dat ik mijn Klein-Geluk-voelsprieten ook behoorlijk ga aanscherpen. Met als resultaat: meer bewust Klein Geluk.

Allez!

  1. De krant op zaterdagochtend. Ik heb er al eens wat over geschreven, maar het blijft een topper. De Standaard halen, er 4,10 euro voor betalen, en een stukje Vlaanderen in Nederland horen ritselen aan onze eettafel. O, die bijlages, die bijlages.
  2. Samen met de Man naar school wandelen ’s avonds. Wegbrengen en ophalen gebeurt vaak in een rush, maar soms, bijvoorbeeld op donderdag, hebben we tijd. Dan wandelen we samen, eerst nog even langs een koffiebar, of langs een interieurwinkel waar we even snuisteren (hobby van de Man, ik kan het intussen ook goed), en dan lopen we naar school. Op ’t gemakje en hand in hand.
  3. s Middags op de bank in slaap sukkelen. Heb wat recuperatie opgenomen de laatste weken, en dan heb ik er een handje van weg om ’s middags te lunchen op de bank met een netflix-moment, mijn hoofd duf te voelen worden en dan te kapseizen. O, o, wat lekker. Weken voor die recuperatie er aan kwam, had ik de grootste plannen ooit voor die dagen. Ik zou productief zijn en duizend dingen doen die ik al lang moest doen en o, wat zou ik goed zijn. En toen kwamen de dagen en gingen ze voorbij met rondhangen, soep maken, kapseizen op de bank. Ik vrees dat ik mijn ambitieuze zelf heb achtergelaten bij de verhuis.
  4. Concentratiemuziekjes voor bij het werken. De Man heeft me spotify family cadeau gedaan, ik heb voor mezelf een mini-fresh-n-rebel-luidsprekertje gekocht (in de rest van het huis heeft de Man Heos-boxen, ik zie het kleiner) en o, wat lekker om een muziekje voor concentratie te kiezen (daar zijn lijsten van in spotify, er is trouwens ook een Dille & Kamille-lijst) en dan lekker in mijn werk te verzinken. Of een blogje over Klein Geluk te schrijven ;).

Verder ben ik jaloers op het Klein Geluk van de Madame, want die heeft koffiekoeken. In Nederland hebben ze croissants, maar niets in vergelijking met koffiekoeken zoals je die in België bij de bakker kan kopen.

Op naar een week vol Kleine Gelukjes. En deel gerust ook die van jou, via de comments of in een eigen post :).