Kwaliteit

Ooit was ik op weekend voor het werk met iemand die er bij zweerde ‘lokale’ en duurzame producten te nuttigen. Dat had hij dan ook volop ingeslagen voor dat weekend. Koffie van een lokaal koffie-branderijtje. Kaas van een echte kaaswinkel. Heerlijk brood van een echte bakker, geen keten. Mijn zintuigen op scherp. Smaakexplosies. Geniaal.

Omwille van o.a. financiële overwegingen, doe ik boodschappen in de Colruyt en via het voedselteam. Via het voedselteam koop ik vooral groenten en fruit. Ook zuivel behoort tot de mogelijkheden, zelf vlees. Maar die dingen gebruiken we niet echt (veel) dus die  heb ik dan ook niet nodig. Brood bestel ik overigens soms wel, evenals gebakjes die uit een soort zorgboerderij komen. De garantie is altijd dat het bio en lokaal is, korte keten.

Dat is in de Colruyt niet het geval. Ik verkies de Colruyt boven de Aldi omdat ik in de Colruyt het gevoel heb dat ik nog wat meer gezonde keuzes kan maken. Het ligt absoluut aan mij, maar ik ga volledig los bij die bodemprijzen in de Aldi en in plaats van een mandje vol zorgvuldig geselecteerde groenten en fruit, stuiter ik naar buiten met allerlei soorten zouts en zoets en vaak ook nog een brooddoos die ik niet nodig heb en een fietspomp die toevallig in de aanbieding is ofzo. Ja, het is goedkoper winkelen, maar nee, niet als je buiten komt met dingen die je niet nodig hebt. De Colruyt dus. Waar bio ook een optie is, maar aangezien bio naast niet-bio ligt en het prijsverschil daarmee ook meteen zeer duidelijk is, is het altijd wel wat een bewustere keuze daar. De laatste jaren moest ik de keuze vaak bewust maken om geen bio te kopen, maar vooral te gaan voor betaalbaar wegens het alleenstaandemoederbudget.

Anyway. Ik kwam vaak thuis met zo’n pak van de goedkoopste jonge kaas, en grote blikken van de goedkoopste koffie.

En even vaak sloeg die kaas wel eens groen uit, en stond de koffie te verpieteren in zijn blik, omdat je voor de prijs die je er voor betaalt – naast het feit dat ik vind dat ik me vragen moet stellen bij hoe het komt dat het voor die prijs kan – niet de meest attractieve producten koopt die bulken van de smaak.

Dus nu pieker ik alweer een tijdje over het doen van het experiment. De stad in gaan. Bij de lokale kaasboer en de lokale koffiewinkel lekkers kopen, en daar zorgvuldig en met mate van genieten. Met een schoner geweten, opnieuw verantwoorder en bewuster consumeren. Bio kiezen. Afwegingen maken die mijn budget overstijgen maar ook de belangen van de wereld waarin we leven recht doen. Zou dat uiteindelijk niet voordeliger uitkomen?

Hoe pakken jullie dit aan? Zeer benieuwd!

 

 

Een prinsessenleven

Dat ik een cool leven heb. Er gebeurt wat, ik leef een pak meer dan een tijdje terug. Sneller ook. Dieper. Intenser.

De voorbije zeven dagen was ik o.a. op een theaterfestival waar ik ijsjes at en in de zon zat. Uit logeren. In Brussel voor een bespreking met daar aan geplakt een thee in het park met een vriendin en dan een spurt naar de schoolpoort. In een fijne koffiebar voor een goed gesprek met iemand waar ik in de toekomst mee wil samenwerken. In dezelfde fijne koffiebar bereikte ik de bodem van mijn werk-e-mailbox en daar had ik maar liefst vijf uur en zeker vier dopio’s voor nodig. Ik krabbelde bladzijden vol to-do’s en projecten. (Hoe was het zo ver kunnen komen? En nog beter: hoe was het zover kunnen worden zonder dat iemand mij aanspreekt op disfunctioneren of zonder dat iemand me ontslaat?) Ik was in een Noord-Brabantse stad voor enkele gesprekken en reed kalm op de middag naar huis, gedeeltelijk door de bossen. Thuis deed ik een dutje (power nap) want ik was supersuf en at ik home made soep alvorens verder te werken. We gingen naar het speelbos en aten daar op een dekentje blauwe besjes. Dat was kalm en lui en goed. Ik reed kriskras door Zeeland, had gesprekken met allemaal trotse professionals, werd bijna gek van de smalle straatjes van Zierikzee die niet voor automobilisten zijn ontworpen, sliep in een lief B&B-tje en maakte een fijn praatje met een schat van een mevrouw (de eigenares) die begreep dat ik geen lunchtijd zou hebben en een boterhammetje voor me smeerde voor in de auto tussen de afspraken door. Ik had een avondvergadering waar ik een deal beslechte en maakte een lange wandeling met een dierbare vriendin. En ik haalde de mannetjes op en kwam thuis en na hun bedtijd werkte ik een nieuwe resem mails weg. De komende dagen staan er een fietstocht-in-Zeeland op het programma en een date met vrienden met complementaire kinderen.

Dat is Leven. Veel leven. Veel om dankbaar om te zijn. Zo veel meegemaakt, zo veel echt contact gehad, zo veel om over na te denken, zo veel geleerd.

Maar de voorbije week was ook: schuldgevoel omdat ik de jongens uit logeren deed. Met stress in de auto om op twee uur tijd van Middelburg naar de opvang in Leuven te rijden – en dan aanschuivend op de Antwerpse ring de stand-by-optie aanspreken, helemaal opgefokt van schuld en schaamte – daar om kwart na zes toekomen en de kleinste die in huilen uitbarst omdat hij me gemist heeft. Rommel eten uit tankstations wegens niet voldoende georganiseerd om het wat proactiever aan te pakken. En eerlijk? Ook echt geen tijd. Bijna onpasselijk worden in de auto bij het luisteren naar deze podcast (goede reeks trouwens!). Twee avonden op rij om half negen in bed want niets meer waard. Geen lichaamsbeweging gehad. Maar één keer gekookt. Lege koelkast en geen energie om over een menu voor de komende dagen na te denken. Zo veel dat niet af is en waarvan ik me afvraag waar en wanneer ik het ga doen. Overprikkeld geraken in een gesprek omdat heel veel intensieve en lange gesprekken na elkaar gewoon een beetje onmenselijk zijn. De privé-inbox die aantikt tot 500 ongelezen mails. Naar de garage bellen en zeggen dat ik toch echt wel meer dan 30 000 km heb gereden op minder dan vier maanden, dat ik me echt niet vergis en dat ik dus echt heel graag nog eens naar de auto wil laten kijken. Stress bij het kijken naar de week die komt want er moet weer zo veel geregeld en gereden worden en ik ben wat oververzadigd. Struisvogelgedrag om naderende rechtszaak. Stress om betaling van bijberoep die niet komt maar waar ik wel op rekende. (…)

Het is allemaal waar en echt. De sleutel zit in mijn hoofd, in hoe ik denk. Als ik dat onder controle kan houden, gaat het goed. (Het zou beter gaan als ik talent had voor organisatie en praktisch ingesteld was.) Om dat onder controle te kunnen houden, moet ik voor mezelf zorgen. Mezelf slaap geven, goed eten, en stoppen met me vast te denken, schuldig te voelen, te piekeren, alle beren op de weg uitgebreid te bestuderen.

 

 

Appie denkt aan prinsessen met keuzestress

curry madras

Ooit had ik een bon van HelloFresh, helemaal aan het begin van de ‘hype’. Enkele weken op rij stond ik uit te kijken naar de man met de witte camionette die keurig op het afgesproken tijdstip een doos met vers voedsel naar mijn keukentafel droeg. Heerlijk! Er waren geniale recepten bij, maar de hoeveelheid was altijd een beetje wankel voor ons a-typisch gezin, en de gerechten waren ook niet echt kids-proof. Nu lusten mijn jongens natuurlijk ook helemaal niets. Maar toch. Bovendien heb ik een afkeer ontwikkeld voor eieren en in de veggie box leek nu wel elke week een omelet te zitten. En 40 euro lijkt een koopje, maar het was even slikken toen ik 40 euro maal drie op de eindafrekening van mijn mastercard had.
Klaar, dus. Al had ik vaak lange discussies met mezelf over al dan niet terug starten. Al die discussies die je binnen een koppel hebt, heb ik met mezelf. Alleen daarom al wil ik een lief.

Maar het blijft moeilijk voor me: bedenken wat we gaan eten, een menu opstellen, boodschappen doen en me dan aan het weekmenu houden. Er zijn  vast genen voor organisatie en in mijn familie komen die niet voor.

En toen… Toen kwam ik bij Appie, in Nederland. En Appie bleek iets erg slims te hebben, namelijk het vers kookpakket. Ik ontdekte het per ongeluk. Gedaan met de keuzestress en de noodzaak tot plannen! Het AH-vers-kookpakket is een pak goedkoper dan de HelloFresh-maaltijden (daar tegenover staat wel dat je soms nog iets moet toevoegen). Ik stond twijfelend in mijn handen met een soep met bataat en paprika en een verse lasagna-pakket, beiden voor een bedrag tussen 3 en 4 euro. Maar ik ging naar huis met een curry madraspakket en een pakket voor tomatensoep. Zelfde prijsklasse. Bij de curry madras moest je nog kip en rijst toevoegen. Het eerste heb ik als veggie vervangen heb door enkele scheppen rode linzen en het tweede door omstandigheden door couscous. Het soeppakket was zeer volledig, al heb ik de runderbouillonblokjes weg gegeven en vervangen door groentebouillon. De kinderen smeekten om nog. Echt waar. En nee, ik had ze niet uitgehongerd op voorhand.

Deze huisvrouw is dus van haar keuzestress af en zoekt gelegenheden om bij Appie-in-Nederland langs te gaan. 

Appie, veel dank voor de stressreductie en de betaalbare en verse maaltijden. Breid de collectie uit, zou ik zo zeggen. Dat geeft weer wat keuzestress maar ik ben zo enthousiast over het concept dat ik dat dan wel weer aankan. Ik apprecieer het ook als er bio en veggie varianten kunnen komen, en daar wil ik zelfs een euro meer voor betalen. En een mooi kartonnen doosje is stijlvoller en beter voor het milieu. Ik denk maar even mee, graag gedaan.

 

 

 

Koude koffie

Het is woensdag. 20u.
Mijn blaas doet pijn van het plassen uit te stellen. Ik heb krampen want ik heb heel de dag geen tijd gehad om naar de wc te gaan (vanochtend gewerkt, vanmiddag de kinderen). Ik ben vandaag niet in de douche geraakt. Mijn uitgroei is gênant aan het worden en over epileren spreken we niet. Just don’t ask. Ik ben de laatste tijd zwaarder aan het worden, en daar is nooit een excuus voor, alleen is er echt geen ruimte voor lichaamsbeweging en is de drukte en stress voor mij een trigger om te veel, te ongezond, te snel of te zoet te eten. Ok, dat zou ik allemaal beter moeten  aanpakken, maar er zijn grenzen aan mijn wilskracht.

Ik vind het fascinerend, hoe ‘needy’ kinderen kunnen zijn. Hoe ze aan mij plakken. Het is bijna niet te beschrijven hoe het is, en als ze slapen denk ik telkens dat het toch allemaal wel mee valt. Maar toch.

We aten pannenkoeken vanavond want vanmiddag warm. Als twee druk kwetterende babyvogels zitten ze te miepen over wie de eerste pannenkoek krijgt, en wie de volgende, en dat ik hen moet helpen met suiker en oprollen en snijden en dat ze klaar zijn en nog één willen. De kleuter heeft kou en wil een deken en de Peuter wil thee en de kleuter wil ook thee en uiteraard wordt er een beker omgestoten. Ik ren tussen de pan en de tafel heen en weer. Als ze plots genoeg hebben, laat ik hen spelen om rustig te kunnen eten, want dat is nu iets dat ik enorm apprecieer: rustig eten. Dat spelen begint met ellenlange ruzies (inclusief het elkaar toeschreeuwen ‘samen delen, samen spelen!’ en krijsen en klikken), en tenslotte bevind ik mezelf in een situatie waarin ze beiden op 20 cm van me af staan terwijl ik probeer rustig mijn laatste happen naar binnen te werken en me mentaal afsluit, wat niet goed lukt met de indringende blikken op mij gericht. Soms lijkt het alsof ik niet kan ademen.

Over het douchen kunnen we kort zijn. Het hele avondritueel heeft vijf kwartier geduurd, inclusief krijsen als speenvarkens bij het spoelen van hun haar, bij de kou als je uit de douche komt, bij het besef dat het bedtijd is, bij iets dat niet mag (de kleuter). De peuter klampt zich aan me vast als we klaar zijn met boekjes lezen en zegt dat ik niet weg mag gaan. De Kleuter heeft toevallig nog tien vraagjes, dan plots gigabuikpijn, moet inderdaad naar toilet, er moet afgeveegd worden, en dan naar bed.

Ik probeer kordaat en kalm te zijn. En het valt ook allemaal wel mee. Het is al pakken beter dan een jaar geleden.

Een vriend van Dirk beschreef het vaderschap als een staat waarin je alleen nog koude koffie drinkt, en zo is het wel een beetje. Al mijn eigen basale noden als mens (rust, slaap, tijd, eten, drinken, naar toilet gaan, een gesprek voeren met een andere volwassene, een douche als je er zin in hebt, tijd hebben om mijn werk goed te doen ..) staan onder druk. Soms ben ik ‘jaloers’ op het leven van Dirk. Dirk die alleen slaapt, opstaat, eet en tijd over heeft. Dan denk ik dat hij het goed voor elkaar heeft, dat hij een slimme keuze gemaakt heeft want zo tof is dat toch niet,  het leven zoals het is, twee jonge kinderen.
En tegelijk voel ik veel angst voor de rechtszaak binnenkort en begin ik me steeds meer af te vragen wat er gaat gebeuren als hij negatief getest heeft op die persoonlijkheidsstoornissen-test (die op zich ook vrij omstreden is als instrument). Ik kan me gewoon niet voorstellen dat ik hier een gedeelte van de tijd zit, alleen aan tafel, rustig etend. Alleen in bed, rustig slapend. Met alle tijd om mijn haar te kleuren, benen te epileren, en naar toilet te gaan zo veel ik wil. Mijn diepste wens? Dat het alsjeblief niet gebeurt. Fingers crossed. Ik zit nog liever elke dag geconstipeerd en met stress aan tafel, dan dat ik er alleen zou zitten.

Komt dat zien: een tip

Jaja, het is zover. Op deze blog die gevuld is met kommer, kwel & hersenspinsels valt vandaag een tip te rapen. Of misschien zelfs twee tips. Voor het huishouden, godbetert.

[1] Kook voor verschillende dagen

Deze tip heb ik mogelijk gejat van Dorien, die wel eens beschreven heeft hoe ze op maandagavonden de groenten van het voedselteam verwerkt, en daar nog heel de week plezier van heeft. Ik schrijf dit even uit het blote hoofd op, dus het zou zomaar ook dinsdagavond kunnen zijn. Maar het is het principe dat telt.

Ik heb gisterenmiddag vooruit gekookt. Dat leverde op:

  • twee schotels lasagna
  • drie schotels puree van aardappels en geroosterde knolselder + zoete aardappel (met look en goed gekruid, hm!) (het roosteren van groenten alvorens je ze in een puree verwerkt, heb ik ook bij Dorien gehaald – maakt een saai gerecht meteen een pak verfijnder en interessanter)
  • een soepje van geroosterde paprika’s en wortel
  • een potje pastasaus

Ok, dat ziet er niet echt heel spectaculair uit, maar ik was toch gelukkig en kan de volgende dagen thuis komen en wat in de oven schuiven in plaats van te koken met twee huilende kinderen aan mijn been.

Aandachtige lezers vragen zich vast af hoe ik dat gedaan heb, met die huilende kinderen. Daar gaat mijn tweede tip over. En die heb ik zelf verzonnen.

[2] Zoek een vriendin met andere kwaliteiten en compatibele kinderen

Ik had een vriendin uitgenodigd die er niets mee in zat mijn herstelwerk te doen (wat ik niet kan/niet wil kunnen), terwijl onze compatibele kinderen allemaal samen het huis afbraken (maar op het einde van de rit ook allemaal samen opruimden) en ik zorgde dat zij naar huis ging met een pot soep, een schotel lasagna, een kommetje pastasaus en een schotel aardappelpuree. Win-win gecreëerd. Een dagje werk en gezelligheid, en samen bergjes verzet.

Epiloog

Bij deze ben ik ook bereid toe te geven dat het niet allemaal ideaal verlopen is. Toen ik mijn kinderen met enige trots een goede lasagna met een knapperig korstje voorzette, keken ze mij beiden aan alsof ze ik hen wou vergiftigen. Dat was sneu. De blik van beiden veranderde o.a. nog in een blik alsof ze zouden gaan spugen en de typische smekende blik van hoeveel-hapjes-nog-en-ik-mag-van-tafel-en-ok-als-ik-dan-geen-dessert-krijg. Ondanks de kinderen heb ik zelf opperbest gegeten. Ik heb hun knapperige korstjes gejat.

Vandaag kwam ik thuis met de jongens en wou ik net relax een schotel puree in de oven schuiven en er vegetarische worstjes bij bakken (zoals een moeder die alles onder controle heeft, weet je wel), maar de kleinste ging aan mijn been hangen en vroeg schalks naar pannenkoeken. Ik heb van mijn hart een steen gemaakt, en mijn uitstekende, voedzame en gezonde puree in de koelkast laten staan. Morgen. Echt.

 

 

Misschien

Up & down. Up & down. In de up-momenten dacht ik dat ik ‘er’ was. Op een stabiele plek, waar ik rust zou vinden in mezelf, waar ik gelukkig in het leven kon staan. In de down-momenten haatte ik mezelf om de naïviteit te geloven dat dat ooit kon.

En nu.
Nu lijkt het weer aannemelijker.
Dat ik het ooit zal kunnen, eten wat goed voor me is in een hoeveelheid die passend is.
Dat ik het ooit zal kunnen, zelfvertrouwen vinden, faalangst en uitstelgedrag de kop in drukken, en zo ook schaamte en schuld overwinnen.
Dat ik het ooit zal bereiken, de staat waarin werk leefbaar is en leven werkbaar.
Dat ik het ooit zal zijn, die moeder die ik graag wil zijn. Een rots in de branding van mijn jongens die nog plezier heeft in het leven ook.
Dat ik ooit controle zal hebben, over de financiën, en nog wat over zal hebben op het einde van de maand.
Dat het ooit zal lukken, het huis ontrommelen en ontspullen en zo rust creëren.
Dat ik weer zal weten hoe het voelt, uitgerust en ontspannen zijn.
Dat ik ze kan weerstaan, de verleiding om telkens terug naar Dirk te keren met mijn onbeantwoorde vragen en onvervulde verlangens.
Dat ik het zal uitgebouwd hebben, mijn eigen bedrijfje, mijn eigen speeltuin.
Dat het ooit gaat gebeuren, wakker worden naast een partner die goed is voor me.
Dat ik daar ooit sta, in die aula, en mijn doctoraat verdedig met een leuke jurk, tien kilo lichter dan vandaag, mijn beide zonen braaf op de eerste rij en mijn nieuwe partner met tandpastaglimlach er naast. Haha.
Dat ik het ooit weer mag voelen, dat gevoel alsof er een vlinder in je buik fladdert – het eerste gevoel van leven van een nieuw leventje.
Dat ik weer ga bouwen, in plaats van puin ruimen.

Dat ik noch veroordeeld ben tot Dirk, noch veroordeeld tot mezelf.

Het is geen up-fase. Het is eerder het waarnemen van kleine veranderingen die hoop geven.
Zoals de verandering dat ik besloten heb om een paar dagen ziekteverlof te nemen om wat op mijn plooi te komen – mentaal en fysiek – in plaats van als een kip zonder kop verder te rennen. Ik heb een nieuwe dokter, die luistert en meer hoort dan ik vertel.
Zoals de verandering dat er hulp is. Een sociaal assistent bij OCMW zet zijn schouders even mee onder dit leven. We nemen samen dingen door waar ik alleen niet aan toe kom. Hij zegt me dan dat ik rustig moet ademen. Hij heeft gezorgd dat ik familiehulp kan krijgen. Binnenkort intakegesprek.
Zoals de verandering dat ik minder pijn heb. De enige reden die ik daarvoor kan verzinnen zijn de sessies bij het heksje, die me mentaal en fysiek veel deugd doen.
Zoals de verandering dat ik een nieuwe therapie probeer. Emotioneel lichaamswerk. De analyses heb ik gemaakt, die zijn sluitend. Nu moet de opbrengst daarvan verwerkt worden, zodat de invloed ophoudt. En het mogelijk wordt, wat ik hier boven schreef.

Wie weet.
Wie weet kan het, dat alles anders wordt. 

Wat alleszins niet kan, en dat past uiterst slecht bij mijn karakter, is dat het snel gaat. Van de ene dag op de andere. Het is elke dag een stapje, en soms drie stapjes achteruit. Het is een kleine verandering die je moet volhouden, en weer verliest, en dan weer opnieuw oppikt en probeert. Volhouden.

Mijn vriendin Adriene blijkt nog een betere vriendin dan ik dacht. Ze hamert ‘find what feels good‘. Ze is altijd mild, altijd positief, en het is iemand die gelooft dat het kan: transformatie. Een/haar/mijn(?) weg daartoe is yoga. Ik ben al lang gestopt met analyseren hoe yoga dan werkt, mentaal en fysiek. Maar het werkt wel. Ik eindig mijn yogasessie altijd in een volledig andere state of mind dat ik begon. En niet de yogasessie zelf is moeilijk, maar wel elke dag de beslissing maken om het te doen. Te kiezen voor wat goed is voor mezelf, en met mijn iPad op de mat gaan zitten, in plaats van met een bakje chips op de bank. Elke keer als dat lukt, heb ik een stapje in de goede richting gezet.

 

 

 

 

 

 

Prinses eet twee taartjes op Vegan Avenue

vegan

De Tiensestraat in Leuven is altijd al een bijzondere plek geweest. In vroegere tijden had je daar het heerlijke Peperkoeken Huizeke, waar een schat van een man thee-o-logie bedreef.

Intussen ontpopt de straat zich als een oord van alternatieve en vegan inspiratie. Go for a walk with me…

1. Content! Een verpakkingsvrije kruidenier. Het idee was niet nieuw, ik denk dat ze er eens in Antwerpen mee begonnen zijn. Maar het idee is bijzonder goed. Uiteraard ben ik voorlopig nog niet georganiseerd genoeg geweest om daar eens met een veelheid aan pottekes en bokalen naar toe te trekken, maar ik heb er al wel eens een heerlijk ochtendje zitten werken. Ik bestelde een koffie en kreeg er drie, aangezien de koffie kwam in zo’n potje waarin je het koffiegruis wegduwt. Zalige plek om te werken en na te denken.

2. The Loving Hut. Terwijl ik het tik, stromen er hartjes uit mijn oren. Niet alleen is de bediening door Nele, I-Wen, An en de rest van het team zo liefdevol en aandachtig, ook sta ik helemaal achter het concept én de uitwerking, en is het eten geniaal: gezond én lekker. Kraakverse slaatjes, heerlijke balletjes en rolletjes, … Veel keuze in niet-alcoholische drankjes ook. En vertel me, waar vind je nog standaard tamari-saus ter beschikking? Alsof dat allemaal nog niet genoeg is, zijn kinderen er gewoon welkom én is de vegan tiramisu met voorsprong het beste dessert ter wereld.

3. Shavt. Het is niet helemaal de Tiense, maar wel op de hoek van de Beriostraat en de Tiense. Shavt. Vandaag toevallig binnen gewandeld, eindelijk eens een ei-vervanger aangeschaft, evenals heerlijke vleesvervangers. Superconcept, een vegan winkel, godbetert. Alleen jammer van de braakneiging toen ik de daar aangekochte chorizo proefde thuis. Te vleesachtig in smaak en structuur. Mijn maag draaide om na al die vegetarische jaren.

4. Vegaverso. Kan iemand me even uitleggen waarom ik hier nog nooit geweest ben? Een broodje met linzensalade gegeten, bulkend van de vitaminen door de kraakverse groenten. Een heerlijke koffie, met een cupcake. En dan gewoon nog één, want helemaal verrukt door het lekkers. Een mens moet iets doen tijdens het wachten tot de auto weer eens klaar is in de garage, niet?

5. Kers op de taart: binnenkort opent op het vroegere Fochplein, heden ten dage heet dat het Pieter De Somer-plein, het Foch dus, een zusjeszaak van The Loving Hut, met vegan fastfood. Ik piepte door de ramen, en zag dat het goed zal worden. Wie gaat er mee proeven?

Er lijkt een kleine opmars te zijn van vegan zaken. Kennen jullie nog voorbeelden? Graag in de comments delen!

Prinses heeft een stiekeme relatie met de snoepautomaat

cookie

Gezond & ecologisch

Mijn relatie met voeding is niet extreem problematisch. Ik ben bijvoorbeeld moeiteloos vegetariër, vermijd zuivel (gewone melk, kaas, yoghurt en consoorten) wat volgens mij best een gezonde levenswijze is. Een stukje vlees brengt mij nooit in verleiding en ik eet liever niet als er enkel een keuze is voor een gerecht met vlees. Uiteraard is de wereld rondom mij intussen voldoende aangepast aan de aanwezigheid van vegetariërs, dus kom ik nooit in dergelijke situatie. Vegan eten blijkt moeilijker, bijvoorbeeld op studiedagen en in het studentenrestaurant, want het gedoodverfde alternatief voor vlees is vaak kaas.

Onbewerkt & basic

De jongens en ik bestellen onze groenten bij het voedselteam, want groenten hebben we graag bio! We bakken ons brood zelf in de machine, maar eten eerder dan brood havermoutpap, in ieder geval als ontbijt. Als ik in de winkelkarretjes rondom mij kijk in de Colruyt, merk ik dat we producten kopen die weinig bewerkt zijn. Geen corn flakes in ons karretje, yoghurtjes, pappekes, dessertjes, … Wel risottorijst, kikkererwten, linzen, havervlokken, … Vrij basic allemaal (en dus ook goedkoop, zelfs als je bio haver etc neemt!). Ik koop ook nooit kant en klaar gerechten. Toen Dirk net weg was, heb ik wel eens een veggie lasagna gehaald, maar die vond ik mierzoet en de maaltijd waar ik zo naar uit had gekeken (het zag er zo lekker uit op de foto op het pakske) was dus een enorme tegenvaller. En ok, ik beken, sinds het vertrek van Dirk heb ik vast twee diepvriespizza’s gehaald. Dat is dus eentje per vijf maanden. Dat kan nog net.

Vers & zonder voorraad

We hebbben geen diepvries. Enerzijds om financiële redenen (dure aankoop, stroomverbruik), anderzijds om ecologische redenen en ook om mezelf te dwingen geen overbodige dingen te kopen en te kiezen voor vers. Dat ons leven wat makkelijker zou zijn met een voorraadje vege burgers in de diepvries en dat ik de soep die ik telkens maak alsof ik een gezin met tien zonen heb in plaats van twee zou kunnen invriezen, zijn wel argumenten om de aankoop toch te overwegen.

Groen & gezond

We doen het zo, omwille van het milieu. Bio-groentjes, enkel basics uit de supermarkt in basic verpakkingen, geen duizendeneen pottekes en blikjes. Dat het niet gebruiken van vlees en vermijden van zuivel de ecologische voetafdruk verkleint, is ook duidelijk. Het is ook een kwestie van gezondheid. Ik heb me o.a. een tijdje lang verdiept in de macrobiotische leer en volg heel graag de inzichten uit het handboek ecologisch koken van Velt, waarvan ik nog de basic versie heb, maar dat intussen bestaat in een mooi nieuw jasje.

Zoet & onweerstaanbaar

Maar, en ik schaam me om het te schrijven, ik ben een emo-eter. Wat betekent dat zoetigheid allerhande een verschrikkelijke aantrekkingskracht op me uitoefent. Ik weet alles over cravings, heb al allerlei boeken gelezen over stoppen met suiker en talloze pogingen gedaan om het niet meer te eten, ik vermijd de aankoop van koekjes en zoetjes, maar dan nog. Dan nog.

Ik vind het zelf gek. Ik kan namelijk alle nadelen van suikerconsumptie noemen, en eigenlijk vind ik kinderbueno’s vies en voel ik me zelden beter na een reep chocola. En toch.

Moe & koud

Ik weet intussen wat de risico-situaties zijn. Die hebben meestal te maken met vermoeidheid, waar ik nogal toe neig, wegens werkend, twee jonge kindekes en alleen. Vermoeidheid maakt dat ik me leeg voel, ik krijg het kou en kan het niet warm krijgen en ik zoek de snoepautomaat op (er staat er bij ons thuis verdorie één om de hoek, ik laat de kinderen niet alleen thuis als ze in bed liggen om snoep te halen, dus vaak kan het gewoon niet. Op het werk weet ik echter de automaat veel te goed staan).

Ik probeer mezelf soms om de tuin te leiden, door appels klaar te leggen en mandarijntes te eten doorheen de dag. Maar eerlijk? Dat geeft niet bepaald hetzelfde gevoel, de honger blijft, het snakken naar zoets ook.

Er kan altijd nog een schepje bij

Een ander storend iets voor mezelf, is dat ik niet goed aanvoel wanneer ik genoeg heb gegeten. Ik eet graag en als het mij smaakt is een extra schepje zo genomen. Tot ik er een vies gevoel aan overhoud, omdat te veel echt niet fijn is. Wat ook vaak gebeurt is dat ik door de maaltijden met de jongens zo onaandachtig eet, omdat ik heel de tijd met hen bezig ben (voeden, aanmoedigen, streng toespreken, …) dat het achteraf lijkt alsof ik niet gegeten heb, of alles koud snel naar binnen heb geschrokt omdat het alweer tijd is voor badjes en bedjes. Op zo’n avonden is de verleiding om de pannen leeg te eten als ze naar bed zijn (in plaats van een restje te bewaren voor de volgende dag), groot. Eten zonder andere volwassene is trouwens echt wel heel anders dan alleen eten of alleen met twee jonge kinderen aan tafel zitten.

Wat ga ik er aan doen?

Voorlopig even niets. Dat heb ik besloten. Ik probeer mezelf er niet om te veroordelen. Het is zo, het is niet fijn. Ik zou graag wat minder wegen, maar ik heb geen problematisch gewicht. Ik eet ook niet extreem ongezond op die zoetigheid na. En ik heb veel aan mijn kop. Dus ik wacht, tot het wat haalbaarder is voor mezelf om de lat hier wat hoger te leggen. Of de reep chocolade wat verder. Je kan niet alles tegelijk. Toch?

Prinses probeert iets goed te maken

Fieke kondigde een Give-Away aan op haar geweldige blog. Het nieuwe boek van het restaurant Avalon zou cadeau gegeven worden, aan diegene die de fb-pagina van Fieke en van Avalon zou liken, en daarnaast in de comments een favoriet moestuinrecept zou posten.
Ik schreef enthousiast dat ik mee wou doen, zette het plaatsen van een recept op mijn to-do-lijstje.
Zie: Give-away van Fieke .

En toen kreeg Babybroer weer eens een ziekte, deze keer valse kroep, en geraakte hij totaal ontregeld (lees: noch overdag, noch ’s nacht eten en slapen – terwijl ik dit schrijf breekt hij boven zijn bed af).
Dus postte ik geen recept, maar ik – die nooit iets win – ben wel gewonnen! Enerzijds was ik hieperdepieperblij want ik wou het boek heel graag, anderzijds voelt het alsof ik het niet verdiend heb.

Daarom ga ik het goed maken, en post ik hier twee favoriete moestuinreceptjes. Voor Fieke. Met veel dank voor de fijne give-away, en dat ik toch gewonnen ben, ook al heb ik niet netjes meegedaan.

1. Stoofpotje van kikkererwten (jaja!) met snijbiet

Toen Dirk er nog was, hadden we een moestuin. (Mensen die heel graag in een tuin willen werken en er zelf geen hebben, en de opbrengst willen delen, mogen me altijd contacteren. Want ik wil graag terug een moestuintje, maar krijg het niet meer voor elkaar alleen. Regio Leuven.) De opbrengst was niet zo formidabel, maar ik kon de bestelling bij het voedselteam wekelijks wel halveren, omdat er een bescheiden aantal groenten uit de tuin kwamen.

Wat niet bescheiden uit de tuin kwam, maar in grote getale tot het onze oren uit kwam, was snijbiet, alsook warmoes geheten. De zomer van 2013 was ik hoogzwanger en creatief met warmoes, en het stoofpotje van warmoes met kikkererwten was een favoriet, toen ik de rest al beu was.

Je hebt een blikje kikkererwten nodig (of zelf geweekte), ui, olijfolie, warmoes, look, komijn, curry, zout, peper en feta. (Je kan ook de feta weglaten als je het vegan wil maken, of de feta weg laten en als bijgerechtje schijfjes halloumi bakken en lekker kruiden.)

Het is heel eenvoudig: ui en look in olijfolie bakken, op een laag vuurtje. Daar een flinke schep komijn en curry bij doen, liefst niet uit de supermarkt maar van bij de Indiër ofzo. Tijdens het zachtjes bakken van ui en look, snijd je de (gewassen) snijbiet/warmoes in reepjes. Je voegt eerst de kikkererwten toe aan het gerechtje, die zich te goed doen aan de kruidige olie, en tenslotte de snijbiet die je nog eens drie à vier minuutjes laat meebakken. Nog even bijkruiden met zout en peper, en klaar!
Als je het serveert, kan je er nog feta over heen kruimelen, of je kan gaan voor de halloumi-variant. Lekker met brood, naan of rijst.

2. Pompoensoep met peer

Een groente die zelfs in onze moestuin niet kon mislukken, is pompoen. Ik ben er dol op, en ook nu staat er pompoensoep te pruttelen op het vuur, waarvan ik graag het receptje deel.

Ik had een reuzepompoen, waar ik 1/4 van kwijt geraakt ben aan een vriendin. Het tweede vierde heb ik vandaag in stukjes gesneden en in de oven gedaan, 35 minuten laten bakken op 200°, met een beetje olijfolie besprenkeld.

Toen de pompoen uit de oven kwam, was het makkelijk om de schil er van af te halen. Vervolgens heb ik op een zacht vuurtje met de nodige tijd ui en look laten fruiten (leve Dorien Knockaert en haar pleidooi om ui de tijd te geven!). De stukjes pompoen gingen erbij, en vervolgens ook twee peertjes, geschild en in stukjes, en uiteraard water.

Ik gebruik groentebouillonstukjes (altijd ééntje meer dan nodig volgens de verpakking) en heb het geheel laten koken, tot de pompoen zacht was. De soep is gemixt, en dadelijk bij om te serveren, heb ik wat korstjes gebakken van oud brood (leve de tips van Dorien Knockaert op Jonge sla tegen voedselverspilling), en ik voeg wat verse tijm toe. Wat zout en vers gemalen peper maken het af, lekker herfsteten met herinneringen aan een vervlogen moestuin.

Dankjewel, Fieke, nogmaals. En heb ik het zo een beetje goed gemaakt?

Beterschap & Broodbeleg

Ik was altijd al bang geweest om in een situatie te komen die ik beschreef in mijn vorige blog: doodziek (ik ben geen held als het daarop aankomt) en niet in staat voor de kindjes te zorgen. Het voordeel van het dan toch mee te maken, is weten dat je het overleeft als het gebeurt.
En gelukkig is buikgriep 24 uur denken dat je gaat sterven, en daarna gewoon weer doen wat moet en kan. Dank voor medeleven en fijne reacties!

Ik had ooit een terugblik naar doopfeestje beloofd en was van plan wat receptjes te delen. Bij deze…

Ik wou het heel graag ‘simpel’ houden. Nu bleek ‘het simpel houden’ toch best nog steeds veel werk, maar hierbij de opzet:

– Als dessert zou ik cupcakes bakken. Ik had een boekje gekregen over cupcakes, waarin het er allemaal ontzettend vanzelfsprekend uitzag, ook het versieren. Dus ik had op mijn lijstje vijf soorten cupcakes, waaronder een soort tiramisu-cupcake met een truffel er in en cupcakes met confituurverrassingen. Op zaterdagochtend begon ik moedig te bakken, maar vijf ovens vol cakejes belandden in de GFT-bak. Niet gerezen, of zwart. De oven in dit huurhuis is niet bepaald optimaal, dus ik heb het al lang opgegeven grotere dingen te bakken (wegens altijd zwart vanbuiten en deeg vanbinnen), maar dat zelfs cakejes niet lukten, was nogal een teleurstelling. Ik schreef het al: als bij wonder stond er plots een vriendin voor de deur met heerlijk rabarbergebak. En een telefoontje naar oma later was er een belofte van appelgebak. Twee doosjes sojaroom deden de rest.

– De soep was een improvisatoir soepje van gegrilde paprika’s, tomaten en wortelen. Het bleek een reuzesucces want toen de pastoor na de volgende doop aanschoof, was de soeppot leeg. Oeps. Recept: uien stoven. Paprika’s 20 min laten grillen in oven en ontvellen. Toevoegen in stukjes (ik deed er vier voor 15 personen). Daarna een achttal tomaatjes in kwartjes en een 10-tal stevige wortels. Laten koken, bouillon toevoegen, kruiden met curry en mixen.

– Het basisidee was ‘een eenvoudige broodmaaltijd’, waarvoor ik vijf broodbeleg-receptjes wou maken. Dat ik de keukenrobot van mijn moeder heb mogen gebruiken, was een prettige hulp. Bij deze de receptjes:

1. De tapenade van zwarte olijf & kers van de Groene Prinses: http://www.groeneprinses.be/2011/12/tapenade-van-zwarte-olijf-en-kers/
Ik heb deze tapenade gemaakt met gedroogde veenbessen, omdat ik niet onmiddellijk gedroogde kersen vond.

2. Smokey paprikaspread, eveneens van de Groene Prinses:
http://www.groeneprinses.be/2010/10/smoky-paprikaspread/

3. Hummus, van de EVA-website:
http://www.evavzw.be/index.php?option=com_content&view=article&id=91:recept&catid=57:culinair&Itemid=396&ID=684
(en dan maar denken: waarom heb ik dit in godsnaam zo vaak kant en klaar gekocht!?)

4. Een bloemkoolspread werd een bloemkool-met-wortelspread, omdat ondergetekende dacht dat ze zout gewoon gedoseerd uit het pak in de keukenrobot kon gieten. Niet dus. Wortelen toevoegen heeft het leed verzacht.
Recept: 1 bloemkool in roosjes stomen in bouillon. Stoomvocht houden (kan je later gebruiken voor soep of een eetlepeltje aan het broodbeleg toevoegen als het te droog blijkt). Bloemkool mixen. Verse kruiden (fijngehakt) toevoegen (denk: bieslook, peterselie, waterkers, mag heel wat zijn!). Een eetlepel mayonaise en twee eetlepels yoghurt aan toevoegen. Daarna naar smaak kerriepoeder en gedoseerd zout en peper. En als je zoals ik een ‘ongelukje’ hebt met het zout, helpt het om vier wortels te stomen en die te mixen en ook toe te voegen.

5. Komkommerbeleg. De komkommer eerst raspen, daarna goed ‘uitdrukken’ in een zeef zodat het water weg is. Ik heb daarvoor een soort macrobiotische pers-pot, wat heel handig is. De helft van de komkommer in een blender doen, 150g cashewnoten toevoegen, 2 el olijfolie, wat zout en peper, verse dille, een teentje look en 1 uitgeperste citroen. Na afloop de rest van de geraspte komkommer er onder scheppen.

Als je het in mooie potjes met een etiketje schept, lijkt het meteen allemaal wat bijzonderder. Ik zette ook nog lekkere honing op tafel, choco en hagelslag voor kindjes die de groenten zouden ontdekken ondanks hun vermomming, potjes met pitten en noten. En wat groenten: tomaatjes met kruiden en sjalot, op smaak gebracht met wat olie en citroensap, peper en zout. En een slaatje van geraspte venkel, stukjes pompelmoes (enkel het vlees, geen vel!), stukjes groene appel en daarover een mengeling van olie (3 el), citroensap (1 el), fijn gehakte sjalot, peper en zout.

Op voorhand alles opruimen, ruiten poetsen, tafels dekken, … was eigenlijk nog het meeste werk. De dag zelf werd er gegeten, gedronken, gepraat. En het was geloof ik wel goed zo. En toch nog wel een beetje simpel, omdat alles op voorhand klaar stond en ik enkel de belegjes uit de koelkast moest halen en de broodjes op schalen leggen.

En uiteraard, heel vegetarisch (misschien kunnen we het zelfs veganistisch noemen).

En met dank aan de Groene Prinses natuurlijk. U leest het, ik ben fan!