Koortsachtig

De zon schijnt. Ik kijk op de klok en zie dat het 15u is. De laatste keer dat ik keek, was het 10u. Ik heb uren gewerkt. Koortsachtig.

Ik neem mijn sleutel, wandel mijn kantoortje uit, sta midden in de stad. Ik scoor een makkelijke avondmaaltijd (hummus, heerlijke couscous, falafelballetjes en groenten), gooi twee boeken door de schuif in de bib en haal een koffie bij mijn favoriete zaakje. Mijn hakken tikken als ik terugwandel naar kantoor. Niet het kantoor, maar mijn eigen ini-mini-kantoortje.

Het is een rare tijd. Enerzijds heel dynamisch. Ik leer veel, volg opleidingen, creëer, installeer, denk na. Anderzijds gebeurt er ook niets. Ik ben nog niet echt uit de startblokken dus ben ik de hele tijd aan het droogzwemmen.

Enkele jaren geleden had ik ook een periode van grote dynamiek. Ik was net van baan veranderd, had een periode waarin ik me even wat beter settelde in het singlemomverhaal, deed trouw elke dag yoga. Het was mooi en intens en bijzonder en ik herinner me dat ik aan de zee stond en dat het leek alsof de sky de limit was en tegelijkertijd alsof ik heel goed diep in mezelf gezonken was.

Zo voelt het weer. Het gaat goed. De oppas is ingeburgerd, de kinderen doen het goed (al zou een nachtje slapen wel lekker zijn), de Man en ik hebben goede gesprekken én gezamenlijke projecten, ik verbreed mijn rol van enkel moeder thuis naar startend ondernemer. Ik leer en heb allerlei initiatieven. En ik ga naar de sportschool, waar ik de eerste keer stond te janken omdat ik het allemaal niet eerlijk vond dat mijn lijf zo geleden heeft onder mijn tweelingzwangerschap, maar waar ik nu vrolijk mee allerlei lesjes doe. (En weet je wat? Ik heb een lichaam! Van mezelf! En daar kan ik dingen mee!)

Natuurlijk is dit de veilige zone. De zone van stilte voor de storm. Van plannen maken zonder die te moeten toetsen aan de realiteit. Van tijd ter beschikking hebben. Van alles-wat-ik-nu-doe-is-winst. En het is ook wat angstig en ongemakkelijk en spannend.

Zo neem ik de nieuwe bakfiets, en fiets ik in twee minuten naar huis. Blij met hoe alles is geworden. En wordt.

Advertenties

Na het onweer

Het is avond. Het onweer is net voorbij. De straten zijn leeg.
Ik loop door de stad en trek een karretje met me mee. Een karretje met boeken, post-its en schriftjes.

Ik stap binnen in mijn kantoortje dat ik sinds gisteren officieel huur, maar waar ik al langer regelmatig werk. Het inrichten gaat traag. Eerst was er een tafel, een stoel en een bureaulamp. Nu zijn mijn boeken er. Ik schik ze in categorieën: voeding. Hart. Nodig voor project A, B en C. Te verwerken literatuur. Opvoeding. Productiviteit. Schriftjes (ik ben verslaafd aan schriftjes zonder lijnen). Vakliteratuur.
De avond is gevallen. De bliksem flitst. Ik zit aan mijn nieuwe bureau die eindelijk op de juiste plek staat. Ik ben omringd door mijn boeken. Boeken die er altijd waren en me altijd een soort rust gaven. Als kind omringde ik me er al mee. Bij verschillende verhuizingen als volwassene bleek mijn voornaamste bezit uit boeken te bestaan.

Er moeten nog dingen komen. Nog een stoel. Twee fauteuils voor gesprekken. Een afbeelding voor aan de muur. Een whiteboard. Koffiekopjes met hartjes er op. Bloemen.

De laatste weken had ik stress. Ik richtte me op allerlei kleine opdrachtjes om een inkomen te genereren. De echte plannen, het op te bouwen werk, hetgeen wat ik wil bedenken en ontwikkelen, bleef liggen. Het voelde net zoals in loondienst zijn. Heel veel doen, hard doorwerken, niet tot de essentie kunnen komen. Ik besluit dat het anders wordt en dat ik het er de komende tijd op waag. Zonder garanties op succes, zal ik tijd besteden aan het echte werk. En af en toe een boek lezen. Van het plankje Voeding.

Starten

Ik vind het wel wat, dat startend ondernemen.

  • Na een lange periode waarin ik niets verdiend heb, heb ik nu plots veel uitgaven (huur pand, waarborg, computer, telefoon, kinderoppas, opleiding, … ). Dat voelt heel oncomfortabel en ik voel dat ik daar stress van krijg, omdat ik nog weinig zicht heb op inkomsten.
  • Ik ervaar de drie dagen die ik per week heb om te werken als erg nijpend. Elk uur telt, er is geen gelummel, denktijd, uitzoomen. Terwijl ik zo graag wil uitzoomen en boeken lezen :). Waarom betaalt niemand mij om boeken te lezen?
  • Ik heb een aantal kleine opdrachtjes vanuit mijn voormalige bijberoep. Ik verdien er weinig mee maar vul er wel bijna al mijn tijd mee, omdat ik natuurlijk wat inkomsten nodig heb. Dat maakt dat er geen tijd over blijft om de lange termijn- en meer levensvatbare projecten uit te denken en uit te werken. Stresserend!
  • Keuzes maken. Eén van mijn kwaliteiten is dat mijn hoofd permanent ideeën spuit. Het nadeel is dat wat ik wil gaan doen, er elke week anders kan uitzien (hoewel ik wel één project heb dat ik gekozen heb en waar ik mee wil beginnen). Er hangt nog zo veel ‘in de lucht’ en ik ben bang dat ik niets echt kan verwezenlijken.
  • Vroeger had ik veel last van uitstelgedrag en vermijding. Tot en met dat ik daar knettergek van werd, omdat ik mezelf precies de hele tijd stokken in de wielen zat te steken. Gek genoeg is dat totaal voorbij. Ik verpruts geen minuut meer, maar werk permanent in een soort hyperfocus, wat heel intens is, waardoor het schakelen naar thuis best moeizaam gaat.
  • Ik zie regelmatig ondernemers met lef, die iets in de wereld zetten waarvan ik denk dat ik het ook kan of dat ik het al gedaan heb. Ik voel dan veel jaloezie op hun vanzelfsprekendheid en zelfvertrouwen, terwijl ik maar aarzel en aarzel.
  • Het inrichten van mijn pandje gaat organisch. Gisteren haalde ik een bureau bij ikea en versleepte ik mijn eigen stokke-stoel. Nu heb ik dus een pandje met een stoel en een tafel. Binnenkort komt daar een koffiezet bij en daarna mijn boeken en vervolgens nog een stoel en een afbeelding op de muur en … Een fijn proces.

En thuis is het natuurlijk ook best druk. De puppies slapen nog steeds slecht, overdag én ’s nachts (bij mijn oudste kind dacht ik dat ik dood ging gaan als ik niet een keer een nacht kon slapen, intussen haal ik mijn schouders op en heis ik de baby’s bij mij in bed). Ik heb een luchtwegeninfectie gehad en nu een oorontsteking en de Man is ook aan het sukkelen.

Een periode van grote dynamiek en keispannend. Ergens vind ik het allemaal ook heel leuk en voel ik me steeds dichter bij wie ik wil zijn. Anderzijds wist ik niet dat het zo onzeker zou zijn op deze plek waar ik al een paar jaar naar lonk.
Alleszins is dit dus ook een beetje de excuus-post omdat ik hier niet zo vaak meer schrijf. Komt wel weer, als het stof eens gaat liggen.

Living the dream

In mijn leven gaat het precies altijd met een omweg, maar ik kom wel op de juiste plek uit.

Vijf jaar geleden begon ik hier te bloggen. Mijn partner was weg gegaan, ik was alleen met de kinderen, ik was verdrietig en moest hard werken. Intussen woon ik in een stad 200 km ten noorden van waar ik toen woonde, met een Man die ik bij onze eerste ontmoeting meteen leuk vond maar die geen waarschijnlijke partner leek (ouder, hij had een vriendin, hij woonde ver) en twee nieuwe kleine poepies. Elke keer als ik door deze stad loop, voel ik me eindelijk zo hard op mijn plek. Alsof ik altijd meespeelde in de foute film en nu eindelijk goed gecast ben.

In de vijf jaar dat ik hier blogde, had ik eerst een baan aan de universiteit, vrij snel een baan bij een organisatie en daarna helemaal geen baan meer. Dat was niet het plan en ik zweette peentjes, huilde bittere tranen en wanhoopte. Vandaag ben ik voor het eerst aan het werken in mijn nieuwe pandje. Ik kan nog steeds niet zeggen wat ik dan ben, maar ik heb het erg druk (heb wat opdrachten vanuit mijn bijberoep, niet genoeg maar wel een beginnetje). De lieve eigenaars van het nieuwe pandje laten me al vroeger dan ik het huur hier werken, en ook al staat het nog vol spullen van hen, zit ik op een krukje aan een geïmproviseerde werkplek met zicht op de schilder die de ramen en de gevel een buurt geeft, het voelt ZO GOED. Ik werk nu op fiets- en loopafstand van mijn huis, het is hier stil en licht en van mezelf (o, die dagen in de kantoortuin waarin ik hoofdpijn kreeg van de airco en knetter werd van de prikkels!). Het is klein, maar mooi. Het is van mij. Mijn rekeningen zijn leeg en ik heb geen enkele garantie dat ik in mijn vage plannen ga slagen, maar ik heb me overgegeven en ga er vanuit dat de dingen zich vormen en het allemaal wel goed komt.

Net ging ik even koffie tappen bij mijn huisbazin. We praatten, ze zijn een leuk creatief gezin, en ik keek even rond. Op een kast stond een enorm beeld van een wolf. Ik grinnikte. Het universum is wel eens subtieler geweest.

Boss-lady

Sinds twee weken ben ik mijn eigen baas. Eén van de eerste dingen die ik gedaan heb, is mezelf inschrijven in een paar opleidingen. Toen ik in die opleidingen zat, vroeg ik me echt af waarom ik dit nooit aangeboden heb gekregen van mijn baas. (Ja, ik heb hem voorstellen gedaan maar hij snapte nooit goed waarom ik die opleidingen wilde volgen dus dat mocht dan niet. Eén erg vormende opleiding heb ik destijds zelf betaald, en ik heb vakantiedagen opgenomen om ze te volgen.) Het is zo belangrijk om tools te krijgen om in te grijpen op processen en om kaders te hebben om organisaties mee te analyseren. Dat ik dat jaren vooral op intuïtie en gevoel en creativiteit en na-apen heb gedaan (overigens vaak met goed resultaat), leek even heel erg absurd.

Ik vind mezelf best een goede baas, dat ik me in het begin van deze nieuwe fase opleiding gun. Ik ben heel hongerig naar kennis en kaders op dit moment, en ik moet echt goed nadenken wat wel en niet kan in de huidige beschikbare drie dagen per week (met dus ongeveer 18 tot 21 uren werktijd). Sowieso zijn opleidingen erg duur (een opleiding van twee dagen kan makkelijk meer kosten dan een jaar unief kostte in Leuven destijds) en ik vind het ook vermoeiender dan ik dacht om een hele dag in een programma van iemand anders te functioneren.

Intussen ben ik niet alleen mijn eigen baas, maar ook de baas van onze oppas die drie dagen per week hier thuis komt. Ik voel me echt een superkakmadam met deze oplossing. Zij start rond negen (dan heb ik er wel al een hele dag opzitten, of zo voelt het) en dan kan ik weg – naar een baan die ik niet heb. (Ik moet dringend beginnen denken dat startend ZZP-er zijn ook een baan is.) Als ik thuis kom, staat er avondeten klaar, is de was gevouwen en zijn de kinderen verzorgd. Ze knutselen en maken wandelingen. Allemaal geweldig dus, maar natuurlijk is zij zelf moeder en hebben zij en haar kinderen wel eens wat. Zoals dingen op school, of gezondheidsproblemen. En dan gaat ze weg, komt ze niet of later, en dat is echt even slikken. Het is gek om plots in die andere positie te staan. Toen ik werknemer was, en mijn kinderen ziek waren en ik het allemaal niet goed redde, verwachtte ik niets anders dan begrip van mijn baas. En nu sta ik aan de andere kant (natuurlijk geen vergelijkbare situatie, want dit is meer één op één, terwijl ik zelf in een grotere organisatie werkte waarin mijn tijdelijke afwezigheid niet meteen iemand anders stokken in de wielen stak) en moet ik echt even slikken als ze weg gaat of aankondigt dat ze er niet zal zijn als ik een deadline heb of een afspraak die ik belangrijk vind. Uiteraard probeer ik begripvol te zijn en menselijk, maar tegelijkertijd betrap ik me ook soms op strenge gedachten of paniek of een diepe zucht als er zich zoiets voordoet. En dan realiseer ik me hoe snel je perspectief kantelt.

Misschien is een kantelend perspectief wel een rode draad in mijn leven. Het blijft maar voelen of ik alle uitersten mag verkennen. Van alleen struggelend, naar easy met twee. Van verlangend naar nog een kindje, naar knal, een tweeling erbij. Van twee banen draaiend, naar meer dan een jaar thuis. Van werknemer, naar boss lady.

Het echte leven: verwachtingen versus realiteit

Aha, eindelijk was het zover. Ik ging weer werken! Alleen had ik geen baan meer, maar om één of andere reden heb ik altijd allerlei plannen. Ik had ook nog geen plek. En ik moest ook nog even een nieuwe telefoon en een nieuwe computer. Ik had me ingeschreven in een aantal opleidingen en ik had wat opdrachten als freelancer en een Plan om uit te werken, dus daar gingen we dan. De oppas-aan-huis startte na duizendenééninstructies (o luxe, o luxe) en ik… Ik ontdekte dat mijn verwachtingen en de realiteit niet altijd op elkaar afgestemd zijn.

  • Zoals die dag dat ik naar een opleiding ging. De oppas kwam om acht, dus dan zou ik de deur uit stappen, zonder file naar de opleiding rijden en daar mijn morning pages schrijven en e-mails beantwoorden voor de start om 10u. Easy! De realiteit? Om acht uur liep ik met natte en ongekamde haren te stressen, zaten de baby’s nog in hun romper aan de tafel (en niet klaar in de buggy zoals ik gehoopt had), moest ik de auto nog leeg maken van een eerder tripje en had ik nog niets gegeten. Om half negen zat ik met klotsende oksels in de auto, om meteen de file in te rijden en om vijf voor 10 met een knalrood hoofd de locatie binnen te rennen. Oeps.
  • Zeeën van tijd zou ik hebben, want geen echte baan meer en dus geen vergaderingen en alles zelf beslissen enzo. Vergeet het. Drie dagen per week is echt heel weinig, zeker als je in realiteit maar een 6 tot 7 echte werkuren per week over houdt. Resultaat: de eerste woensdag (vrije dag) van mijn werkende leven had ik al knallende ruzie met de Man, uit frustratie omdat ik van de vrijheid had geproefd en merkte dat al mijn ideeën tien jaar zouden vragen om uitgewerkt te geraken, aan een tempo van drie luttele dagen per week.
  • Eindelijk tijd voor alle grootse plannen! Maar de realiteit is dat er ook brood op de plank moet, want ik kan natuurlijk niet wat lanterfanten met leuke dingen en de Man alle rekeningen laten betalen. Het werk dat brood op de plank brengt, vult ongeveer mijn drie dagen per week, dus ik moet echt nog wat krachttoeren uithalen om diep-werk-gewijs ook grootse en andere zaken een plekje te geven.

    Het is dus even een ‘dingetje’. Ik vind het heerlijk om weer meer te zijn dan alleen mama, alleen is het ook raar dat ik niet echt kan benoemen wat ik dan wel ben op dit moment (vooral awkward tijdens een voorstellingsrondje in een kamer vol vreemden). Wordt vervolgd!

Wat je wel kan doen als het even niet meer lukt

Vannacht las ik dit. Ik herkende zo veel van mijn eigen tijd als single mom. Ik bedacht allemaal dingen om te zeggen. En toen bedacht ik een blogje te schrijven.

Voor mij is het echt heel raar om te bedenken dat ik nu bijna even lang met de Man samen ben, dan dat ik alleen was. De jaren met de Man zijn gevlogen: we gingen samenwonen, kregen een tweeling, ik raakte mijn baan kwijt, startte iets nieuws. Daar zitten we ongeveer. De jaren daarvoor sleepten zich voort. Ik was vaak heel wanhopig en ik vond alles zo moeilijk alleen. Wat er aan de hand was, was dat ik enorm vastliep in mijn eigen hoofd en gedachten. Tot en met dat ik zo vastliep dat ik er ook niet meer uit kon, hoewel ik slim genoeg ben/was. Vaak waren praktische dingen het moeilijkste (besluiten nemen, overzicht krijgen, ergens aan beginnen). Er gingen dagen voorbij dat ik een heel mentaal proces had doorlopen, geen flikker had gedaan (behalve voor de kinderen gezorgd en al die 1001 kleine prutsdingen van een normale dag) en dat ik DOOOOODMOE was. Omdat ik mezelf mentaal uitputte met al mijn gedachten en gevoelens. Ik dacht: a. dat het nooit beter zou worden; b. dat iedereen beter was in alles dan ik; c. dat er iets vreselijk mis was met me. Intussen is er zo veel anders. Er zijn veel dingen waar ik geen grip op had en die gebeurden, maar er zijn ook dingen waar ik wel grip op heb. Ik haat tips en tricks, maar ik wil terugkijkend wel graag mijn ervaringen delen.

  • Samen zijn met iemand die het eenvoudiger maakt, helpt mij enorm. De Man en ik hebben soms relationeel gedoe omdat zijn hoofd zo anders werkt dan het mijne (hij denkt heel logisch, ik heel kronkelig), maar hij leerde me dingen als KISS en als ik een hersenkronkel aan hem vertel, kan ie vaak empathisch helderheid scheppen. Nu heb ik geluk dat ik hem ontmoet heb, maar sommige vrienden hebben ook die eigenschappen. Door af en toe met iemand een kronkel te delen, en een nuchter antwoord terug te krijgen, leer je uiteindelijk zelf ook je kronkels wat gladstrijken. Het is alsof je simpele weggetjes in je hoofd kan aanleggen en kan inoefenen, waardoor je minder verdwaalt in het bos in je hoofd (ik denk dat dat ook neuroplasticiteit is). Moest ik de Man niet hebben, zou ik denk ik teruggrijpen naar een RET-boek of therapeut. Wat me daarin aanspreekt, is het simpel maken van dingen. De vier vragen van Byron Katie kunnen ook een klein truukje zijn voor bepaalde kronkels.
  • De ochtenden. Ik ben geen ochtendmens, maar de energie van de ochtend is vaak beter voor een bosrijk hoofd dat wel eens een oerwoud wordt. In mijn tijd alleen was ik altijd moe, stond ik te laat op en rende ik achter de feiten aan. Aaaarghl. Intussen heb ik een ochtendritueel waarbij ik belachelijk vroeg opsta (5u30 of 6) en al heel veel dingen heb gedaan voor de rest van het gezin wakker is. Daarmee heb ik een voorsprong op de dag en hang ik niet om 9u al in de touwen van de stress en de ergernis. Ik ben echt minder moe als ik een voorsprong heb genomen, dan als ik langer slaap en het een toestand wordt.
  • Morning pages. Ik zou iedereen The Artist’s Way aanraden, maar zelfs al doe je het programma niet (dat ook goed helpt met alles-of-niets-denken etc), zou ik iemand die verstrikt geraakt in zijn/haar hoofd de morning pages aanraden (bv daar vroeger voor opstaan of eerst doen op kantoor). Drie pagina’s beschrijven, uit de losse pols. Ik houd ze bij, deel ze met niemand. Vaak komen er eerst allerlei kronkels op papier die op die manier wat helderder worden (of die ik daarmee dump!), en daarna kom ik tot een soort structuurtje (gaat vanzelf): wat wil ik vandaag doen, wat zeker niet, hoe kan ik het anders aanpakken, … Dat helpt me dan doorheen de dag, en schrijven beklijft.
  • Als je hoofd echt heel druk is en je er heel moe van wordt, zou ik een experiment doen met methylfenidaat. Toen ik het van mijn dokter kreeg (heb nog steeds geen echte diagnose ADD), werden al die kronkels in mijn hoofd plots stappenplannetjes, en kreeg ik ook wat meer daadkracht om ze te doen. Ik vind het niet erg om medicatie te nemen om mijn hoofd te structureren. Ik kan me goed voorstellen dat onder invloed van trauma of vermoeidheid neurotransmitters verminderen en de prefrontale cortex die je nodig hebt voor structuur, planning, overzicht slechter functioneert, en ik hou er rekening mee dat ik daar mogelijk aanleg voor heb en dat het alleenstaand moederen bij mij een trigger was voor add-achtige klachten.
  • Ik twijfelde veel over mijn werk en hoe ik dingen moest aanpakken. Soms werd ik er gek van en kon ik niets meer voor elkaar krijgen omdat ik alleen maar meer kronkels maakte en er niet meer uit kwam. Wat dan hielp was: ’s ochtends (fris hoofd!) een klein lijstje maken van drie dingen, en afspreken met mezelf niet meer te twijfelen maar die gewoon te doen (ik maakte per ding ook een stappenplannetje). Zo kreeg ik soms toch iets gedaan. Voorbeeld: studiedag voorbereiden: 1. nota’s lezen van gesprek; 2. ideeën opschrijven; 3. kijken naar drie vorige studiedagen wat ik kan gebruiken; 4. ideeën en resultaten van (3+2) in mijn standaard dagindeling plaatsen; 5. agenda maken en intro schrijven en 6. doorsturen aan opdrachtgever voor feedback.
  • Op een gegeven moment ben ik procedures gaan maken voor dingen die ik vaak moest doen (bv studiedag geven, offerte opstellen, …). Zelfs voor het schrijven van een e-mail! Met die procedures in een map (mij helpt het om fysiek dingen te hebben), kon ik dan makkelijker aan een taak beginnen en ze tot een goed einde brengen. Natuurlijk zat alle kennis al in mijn hoofd, maar het was makkelijker een stappenplannetje te hebben om een gevoel van houvast te hebben.
  • Rituelen maken. Als ik heel moe ben, word ik wazig en heel kip-zonder-kop-achtig. Ik heb een vast ochtend-ritueel en een vast avond-ritueel van dingen die ik moet doen, zodat ik niet telkens terug een keuze of besluit moet maken. (bv: was insteken en aanzetten, douchen, ontbijten, MP schrijven, dertig minuten e-mails beantwoorden, twee uur aan één project werken).
  • Iets fysieks. Lopen of yoga with Adriene zijn manieren om even in mijn lijf te zijn en daarmee en makkelijker hoofd te krijgen.
  • Stoppen met nadenken over anderen. Ik heb de neiging enorm naar anderen op te kijken en te denken dat ze hun leven op orde hebben, maar ik ontdek steeds vaker dat dat dus niet zo is en dat mensen allemaal dingen hebben waar ze het niet over hebben maar die hen wel bezig houden/storen/remmen/ …
  • Tot slot: je idee over werk bijsturen. Ik dacht dat ik alles moest weten en meteen alles goed moest doen, maar de meeste mensen doen maar wat. Echt. Met wisselend succes. En dat is denk ik waarvoor we betaald worden.

Nog tips, tricks, ideeën? Benieuwd!

En nee, het is niet simpel. Maar ja, je kan gelukkig wel iets doen, naast lief zijn voor jezelf. En soms aanvaarden dat het leven is wat het is en dat je zelf bent wie je bent.

A room of one’s own

Irrationele beslissingen lijken het domst en voelen het best.

Zo. Ik zocht een plekje om mijn vage-zelfstandige-worden-plannen uit te voeren. Om boeken te lezen. Om niet gestoord te worden. Om mijn rommel te laten liggen. Om stiekem bij te slapen. Een plek die helemaal van mij is, in een wereld waarin alles van mijn Man is. Want de Man is de bezitter van het huis en de auto en bewoont de stad al jaren en hij deelt alles met me. Maar het is wel van hem. Soms hebben we ruzie en dan dwaal ik door de stad en dan pas besef ik hoe veilig het was in de nare single-mom-jaren dat ik een eigen plek had met de jongens waar alles van mij was. Ok, het was een lelijk huis en onze inboedel was ook nogal shabby, maar het was wel van mij.

Anyway.
Ik dacht verstandig te zijn en ging naar een tijdelijk pand kijken. Het was een directeurswoning van een gevangenis en het leek wel een spookhuis. Met een enthousiaste immo-man keek ik rond. Ik voelde het meest voor de slaapkamer, die een planken vloer had en twee grote ramen en waar de zon overvloedig binnen viel. Er lag ook een dode vlieg op de grond. Het gebouw was kaal, wachtte duidelijk op een herbestemming. Er was geen sprake van bezoek ontvangen, want daarvoor was het echt niet representatief genoeg. Maar het was plek, veel plek. Voor een huurprijs die meeviel. Tot de immoman er even de BTW achteraan mompelde en een heleboel servicekosten (voor welke service is me niet echt duidelijk) en inschrijfkosten en waarborgen en … Toch fietste ik vrolijk weg en zag ik me mijn bureautje al naar boven slepen, nadat ik de vlieg gestofzuigd had.

Ik had de afspraak met het kleine pandje in de oude stad waar ik op koningsdag langsgelopen was en waar ik meteen knettergek op was maar wat duur was en heel klein, uit een soort luiheid laten staan. Dus ’s avonds wandelde ik er met de kleine dochter heen en werd allerhartelijkst ontvangen door twee lieverds. Het mini-pandje voelde zo authentiek en lief en ik kan er prima bezoek ontvangen (bezoek dat zijn benen optrekt of blijft rechtstaan, haha). Het heeft een raam dat een etalage is en een houten buitenkant en een bankje voor de gevel en ik vergat ter plaatse al mijn bezwaren en ik deed het. Op wolkjes zweefde ik naar huis met miss mini.

De buurvrouw zei: ‘wat heb je nu weer gedaan?’. Ik vraag me nog steeds af waar dat ‘nu weer’ vandaan komt, maar ik zei haar dat ze koffie kon komen drinken op mijn bankje en dat er geen mannen en kinderen zijn en we moesten lachen en ik kan het niet uitleggen of verantwoorden, maar ik weet zeker dat ik een goede keuze heb gemaakt.

Lieverds. Ik heb een tiny werkplek. Ik verheug me op het inrichten en het er naar toe huppelen. Ik heb een risico genomen (want ik heb meteen een grote maandelijkse ‘last’ en nog weinig zicht op inkomsten, of zelfs op wat ik ga doen to be honest). Maar dit voelt prima. Heb ik eindelijk iets om op instagram te zetten. Haha.

Het gonst

Nog enkele dagen en mijn ouderschapsverlof is afgelopen. Er waren weken, maanden zelfs, dat het leek alsof ik nooit nog iets anders wou dan tutten met de kindjes. Maar dat kantelde, en tot mijn grote schaamte merkte ik dat ik steeds vaker onderprikkeld en doodmoe op de Man wachtte, na een dag luiers verschonen, kiekeboe spelen, slaapcoaching (ik gaf het maar een hippe naam), iedereen voeden.

Begrijp me goed. Ik ben dankbaar om mijn gezin. Maar na 10 maanden onafgebroken zorgen, realiseer ik me dat zorgen voor een stel kinderen waaronder een baby-tweeling heel erg ten koste gaat van zorgen voor jezelf. Soms weet ik amper nog wie ik ben, waar mijn hoofd staat, welke maand het is. Mijn lijf is moe, te zwaar, niet meer van mij. (Ik zie ook dat de baby’s extreem op mij gericht zijn. Ik wil dat ze ook vertrouwen ontwikkelen in andere mensen.)

Dus ik tel de dagen af. Nog enkele te gaan. En dan komt onze oppas-aan-huis, drie dagen per week. Het idee was dat ik me dan in een rotvaart door de files naar kantoor zou begeven om daar in drie dagen te doen wat ik normaal in vier dagen moest doen (want de meeste bedrijven vinden het wel ok dat je in uren mindert, maar zijn minder happig op het schrappen van taken). Anyway. Ik ga niet terug, ik begin iets nieuws. Wat leuk was toen het nog abstract was, maar nu voelt het kwetsbaar. Soms belachelijk. Onwennig.

Op Koningsdag wandelde ik voorbij een pandje dat te huur stond. Het trof me. De gedachte een eigen plek te hebben waar mijn spulletjes kunnen blijven, in plaats van als een werkende nomade van koffiebar tot flexwerkplek of coworkingspace te zwerven. Het pandje was klein en extreem duur (de huur voor één kamer was meer dan de helft van wat ik vroeger voor één huis betaalde met garage en tuin :)). Ik googelde, en kwam via anti-kraak (te vervallen) bij tijdelijke ruimtes terecht. Als ik het goed begrijp: ruimtes in panden die herbestemd zullen worden in de toekomst. Straks één bezichtigen. Spannend.

Verder heb ik nood aan een soort reset, een nieuwe start. Ik bestelde een detox-kuur (ik vind het zelf ook grappig – ik weet de voor – en nadelen, maar ik deed het vooral om dat intense gevoel dat je kan hebben nadat je ziek bent geweest en een aantal dagen geen troep hebt gegeten en dat al je zintuigen dan op scherp staan en je hoofd ook!). Ik pretox met soepjes en slaatjes en dat voelt fijn.

Ik realiseer me dat ik enkel nog op woensdag alleen met de kinderen zal zijn, wat tot nu toe vier dagen per week vaste prik was vier dagen per week. Op vrijdag is de Man ook thuis. Op termijn gaan de meisjes (ik wil dat ze met andere kindjes leren spelen) ook naar een peuterspeelzaal. Dan verandert er weer iets, in mijn hoofd zijn ze dan op woensdag- en vrijdagochtend weg, waardoor ik vier uur per week alleen thuis kan zijn. (Ik sprak er met een vriendin over, die vertelde dat een oppas aan huis schitterend is, maar dat je het heerlijke alleen-thuis kunnen zijn verliest. Ik kan me daar veel bij voorstellen.)

Dus. We sluiten een periode af. Dat voelt raar. Maar alles gonst van de nieuwigheid en zonder strak omlijnd plan ben ik heel benieuwd wat er gaat gebeuren als ik me laat meevoeren met de stroom.

Een update: kindjes, uitjes

Even een ‘update’:

  • De jongens doen het prima. Het zijn gewoon wel echte jongens, dus vaak best druk en energiek, maar beiden doen het eigenlijk gewoon goed. Het is wat puzzelen om een leuk aanbod te hebben voor hen omdat de meisjes twee keer per dag moeten slapen en voor de rest allemaal hapjes en papjes moeten. Frustreert me soms. (En ja, één van ons kan apart met de jongens iets gaan doen, maar een tweeling is sowieso altijd veel werk.)
  • De meisjes gaan door een moeilijke periode. Zei ik meisjes? Ik bedoel de kleine bad-ass (dus de kleinste tweelingdochter). Ik hoop van harte dat het een ‘sprongetje’ is, maar ze wil al weken niet meer alleen slapen, niet meer in haar eigen bed, niet meer in de namiddag slapen, … Aaarghl. De zus is meer type modelkind die gewoon lekker eet en slaapt en doet wat ze moet doen, maar ze wordt natuurlijk ook van haar stuk gebracht door het kleine heksje. Anyway. Duizend scenario’s, maar de laatste tijd vaak: grote zus slaapt bij papa in bed en kleine zus bij mij, waarbij ze gedurende de nacht allerlei capriolen uithaalt. Soms ben ik de moed een beetje kwijt. Het is van het begin van mijn zwangerschap geleden dat de Man en ik nog eens samen in één bed geslapen hebben, en ik begin ook wel soms te verlangen naar een soort normale orde van zaken. De grote mensen bij de grote mensen en de kinderen bij de kinderen, zoiets. Terwijl ik in feite ook ontzettend overtuigd ben dat aparte kamers waar kinderen heel de nacht alleen slapen ook niet heel natuurlijk zijn.
  • Mijn wekelijkse uitjes lijden onder het gedrag van het kleine heksje, maar intussen liep ik weg uit Lazzaro Felice. Ik vond het korrelige beeld storend, de film chaotisch en het thema zo zielig. Daarnaast ging ik naar een toneelvoorstelling waar ik ook uit weg liep. Een toneelmaker had samen met een groep pubers een voorstelling gemaakt. Maar het was druk en chaotisch en ik begreep de pubers niet goed en ik bedacht dat het vooral leuk was als je de moeder van zo’n puber bent, maar niet als toevallige toeschouwer. Ten slotte ging ik naar een massagesalonnetje, op een dag dat ik het huis had verlaten met mijn ziel onder mijn arm omdat ik zo moe was dat ik geen geluiden meer kon verdragen. Niet echt een uitje dus, maar wel iets dat ik alleen deed. Ik was zo eindeloos moe dat ik nog liever had betaald om daar een uur ongestoord te slapen, dus niet echt iets om over naar huis te schrijven.