De geboorte van de tweeling

Lees hier de proloog.

We komen in het ziekenhuis aan. Ook hier wil ik koppig lopen, in de hoop dat beweging de bevalling op gang brengt voor  de dokter dat zal doen. We hobbelen naar de boekenwinkel, waar ik het laatste boek van Renate Dorrestein koop en de Man ook een boek. Ik ga er vanuit dat we een lange dag tegemoet gaan.

Bij de Albert Heijn kopen we druiven en drankjes.

Dan melden we ons op de afdeling en moeten we even wachten in een wachtzaaltje. Wat erg onwezenlijk is op dat moment.

Er wordt een CTG afgenomen. De baby’s doen het goed. De doula komt toe en wacht met ons. Er is een verloskamer vrij en als blijkt dat ik nu 3 cm ontsluiting heb, krijgen we groen licht.

Op de verloskamer maken we kennis met de verloskundige. De gynaecologe komt mij toestemming vragen om me te opereren als bepaalde situaties zich voordoen. De doula masseert mijn voeten en op mijn vraag wordt er een klysma aangebracht, waarvoor de Man wandelen gestuurd wordt. De gesprekken met de verloskundige zijn best grappig. Hoe ze het allemaal mag noemen, vraagt ze. Mijn onderkantje? Of heb ik liever ‘kut’? Onderkantje will do, zeg ik, en ik bedenk dat ik niet echt opgegroeid ben met een adequaat woord voor… uh, mijn onderkantje (vagina dekt de lading niet helemaal). Ze raadt me ook aan hulp te zoeken voor mijn schaamte met betrekking tot ontlasting, wat ze afleidt uit het feit dat ik een klysma wil. Tja. Er lijkt me niets op tegen ‘opgeruimd’ te gaan persen.

De Man is terug. Mijn vliezen worden gebroken. Het vruchtwater is helder. Het is een raar gevoel, alsof je plast zonder dat je het tegen kan houden. De doula wil mijn voeten masseren zodat ik me ontspan. We vragen tijd om spontaan in arbeid te gaan. Er wordt onderhandeld over het tijdstip waarop er een infuus komt. Ik slaag er in een uur en een kwartier te onderhandelen. Ik ga onder de douche, de Man gaat nog even wat eten.

In de douche rommelt het wat. Ik ga terug de kamer in en vang op de bal een wee op. En dan gebeurt het. Op een schaal van 1 tot 10 krijg ik een eerste wee die als een zeven voelt. De tweede is een negen. De derde een vijftien. Ik schreeuw, lig op mijn zij op bed, bijt in een kussen en denk alleen maar ‘shit, ja, zo voelde het’ en ‘straks denken ze dat ik flauw ben omdat ik meteen lig te brullen’. Ik kijk op de klok en ben verbaasd dat de ene wee na de andere komt. Plots moet ik persen, ongeveer twintig minuten nadat ik uit de douche ben gestapt. De verloskundige heft mijn been op en ik snap dat ze denkt dat de baby komt. Ik schreeuw dat ik hier niet klaar voor ben, dat ik wil wennen, dat ze niet moet denken dat ik al ga bevallen, dat de Man moet komen, dat ik op de kruk wil baren. Om 13u03 bel ik de Man. (Komen, nu, hijg ik). Als hij minuten later binnen komt rennen, zit ik te persen op de kruk en is de kamer vol mensen gelopen. Hij komt achter me zitten en wil me vasthouden, maar ik maak me woest los. Ik wil niet aangeraakt worden, enkel koude washandjes, ik heb het te warm. Ik schreeuw dat het te snel gaat. Dat ik naar huis wil. De natuurkrachten doen hun werk en ik pers wanhopig tot ik een branderig gevoel heb. En dan nog meer tot ik voel dat er een lijfje uit me schuift. Het is 13u29. We hebben één dochter. Wat ben je klein, zeg ik, wat ben je klein, wat ben je klein. De Man huilt bij mijn linkeroor.

Veel vlugger dan ik wil, komt dat dringende gevoel terug. Ik pers en zeg dat ik nog niet wil, dat ik pauze wil. De Man gaat met de dochter op het bed zitten, houdt haar tegen zijn blote bovenlijf. De doula komt op zijn plaats zitten. Ik kijk schuin achter me en zie ons beboterde kindje. Het geweld van mijn lijf neemt toe. Ik houd mijn handen voor mijn mond, maak oergeluiden, besef dat ik behoorlijk ingescheurd ben, probeer de pijn tegen te houden. Maar het moet en ik pers en daar schuift weer een lijfje door me heen. 13u47. Nog een dochter. Ze ligt bewegingloos en blauw op de grond. Ze wordt afgenaveld en meegenomen. Help mijn kind, zeg ik, help mijn kind. Er komt nog een dokter binnen die naar me toe komt. Nee zeg ik, naar mijn kind. Help mijn kind. Een kwartier later brengen ze een uitgeteld kind binnen. Ze leeft, na een moeilijke start. Door de snelheid en het feit dat haar zusje eerst geboren is, is het vocht niet uit haar longen geduwd bij de geboorte, waardoor ze niet kon ademen.

… Wordt vervolgd.

 

Advertenties

18 gedachtes over “De geboorte van de tweeling

  1. Zo heftig. Ik ben er stil van. En ik herinner me opeens weer dat branderige gevoel tijdens het bevallen. Bedankt om het zo te benoemen, ik ga het nu niet meer vergeten. (Had ik ook al toen je schreef dat je stoned was geweest van het bloedverlies. Exact dat! Stoned, was ik. Je ziet en merkt wel alles, maar er is een waas tussen jezelf en de rest.)
    Alleszins fijn om weten dat jullie allemaal samen thuis zijn nu.

  2. Pfff, ik moest toch een traan (of twee) wegpinken… Wat een spannend begin voor jullie allemaal. Ik hoop oprecht dat jullie het nu samen heel goed stellen!

  3. Allez jong, zo rap dat dat gegaan is! En zo fel!
    “Het geweld van mijn lijf”, dat zegt het helemaal.

    O, en je tweede, dat arme kleintje…
    Wat een verhaal waarmee jouw meisjes begonnen zijn…

  4. Pingback: Geboorte: terugblik | En ze leefden nog groen en gelukkig

  5. Pingback: Op de valreep… 2019 | En ze leefden nog groen en gelukkig

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s