The other side

De reden van mijn winterslaap was dat ik onverwacht en ongepland zwanger was geworden. Voor de toeters en bellen bovengehaald worden: ik heb het kindje verloren op acht weken. Bij deze toch het verhaal van het kindje dat niet mocht zijn in enkele blogs die ik geschreven en gepland had voor het mis ging. 

Herfst. De studiedag die ik heb georganiseerd nadert zijn einde. De vermoeidheid druipt langzaam over me heen. Borrel. Ik glimlach als ik aan mijn verstekelingetje denk. Mijn baas zegt dat ik hem verrast heb met de uitermate geslaagde dag, ik grinnik en zeg dat ik nog vol verrassingen zit. Een vriendin die ik al een tijdje niet meer zag, neemt me apart. ‘Je bent zwanger en je straalt, je krijgt een meisje.’ Touché.

Ik rijd naar huis, voel me zo sterk. Dat ik deze intense werkweek aankon, met dat kleine ukkiepukkie vanbinnen. Het lijkt alsof het leven zich plots aan mijn kant geschaard heeft. M. en ik bellen, het gaat goed met ons.

Schoorvoetend moet ik enkele vriendinnen vertellen dat ik – onverwacht en ongepland – een kindje krijg. Vriendinnen die er al erg lang heel veel moeite voor doen. Ik zie de pijn die ik veroorzaak.

Jarenlang had ik het gevoel dat ik als een soort schildpad ingehaald werd door hazen. Iedereen kocht huizen, kreeg babies, trouwde. Vakanties. Allerlei dingen. Regelmatig ga ik bij een vriendin kijken naar dat huis waar haar man al jaren in klust. Het wordt steeds mooier. Deze zomer zat ik bij een vriendin in de tuin van haar nieuwe enorme huis. Ik was getuige op een huwelijk van een bolbuikige vriendin die met haar man in een groot huis woont waar haar twee dochters uitgelaten op de trampoline springen. Zo vaak stond ik daar maar, als een soort achterblijver, naar anderen hun geluk te kijken. En ik wist ook dat het niet allemaal zorgeloos en happy is ‘op een ander’, maar ik voelde me een schildpad tussen de hazen. En dan nog een zwaar vermoeide schildpad.

En nu plots word ik gekatapulteerd. Over sommige hoofden heen. Plots is er een huis waar ik ga wonen in een stad die nogal charming is. Er is de man, en het kind op komst. Plots word ik een mevrouw die alles heeft. In mijn ergste nachtmerries ben ik Evelien.

En ik merk dat dat niet helemaal goed valt bij anderen. Dat het hen het gevoel geeft dat het leven oneerlijk is.

Is het leven oneerlijk? Ik weet het niet. Verdien ik dit geluk niet? Vast niet. Maar ik denk terug aan de avonden. Alleen, moe. Ik denk terug aan het harde werken, bijna letterlijk dag en nacht. Ik denk terug aan alleen naar feestjes gaan en me eenzaam voelen. Aan huilen op Kerst. Aan trillend naar de rechtbank fietsen. Aan alleen op vakantie zijn met een boos en een klein jongetje. Aan die laatste vijf euro met nog een week te gaan voor het volgende loon. Aan uithouden, volhouden en uiteindelijk niet meer hopen of rekenen op anders en beter.

En ja, nu zijn mijn kansen gekeerd, en daar heb ik niets voor gedaan. Ik aan de lucky side of life, anderen met hun onvervulde verlangens. Ik merk dat anderen mijn uitgestrekte hand moeilijk kunnen zien of nemen, maar ik weet van mezelf wel dat ik nooit vergeet hoe het daar was. Compassie verleer je niet, zelfs niet met een bolle buik, een leuke man, een mooie plek en een nieuw begin. (*)

(*) Later zijn de kansen weer gekeerd. Ik vlucht weg bij een vriendin die me vertelt dat ze zwanger is geworden in de week dat ik mijn miskraam had. Ik huil de hele avond op de bank. Haar buikbaby is net even oud als het grafje in mijn tuin.

(**) Ik heb besloten de vijf posts die ik geschreven had tijdens het zwanger zijn en bij het verlies van het kindje toch te publiceren als reeksje hier. Het is misschien een rare keuze, omdat het niet meer relevant is. Maar het is een stukje van mijn verhaal. Ik ben heel blij dat ik kan terug lezen hoe hoopvol ik was tijdens het zwanger zijn en het is ook heel goed om te lezen hoe ik dat verlies ervaren heb. Ik hou van ‘echte verhalen’. Verhalen die niet geschreven zijn om medelijden, hulp of tips, maar gewoon omdat ik de echte dingen (hier) wil vertellen. De miskraam heeft me erg door elkaar geschud. Het is vechten om terug op mijn plooi te komen, om weer met stress om te kunnen gaan, om dingen te doen die voorheen heel normaal waren. Het hoopvolle van een nieuw begin is geknakt en ik heb veel werk gehad met het verdriet dat volgde. Maar ik moest ook onder ogen zien dat ik op was en dat het roer om moet. Het roer omgooien is moeilijk. Mijn benen voelen al maanden als spaghetti.

(***) Ik las ook dit en het was zo mooi: https://annasblogeenjaarertussenuit.com/2017/02/04/sterretjes-maar-geen-kindjes/