Schaarste

Het is zondagochtend. We gaan naar de bakker. Ik stop bij het tankstation. Mijn kaart weigert dienst, ik kan niet tanken. Het is het begin van de maand. Mijn loon is een paar dagen geleden gestort. Kosten voor de auto, huur, electriciteit, achterstallige rekeningen van de opvang, belastingen, de schulden van Dirk… hebben blijkbaar mijn rekening in snel tempo geledigd.

Mijn humeur keldert. Ik voel me wanhopig. Ik heb het gevoel dat ik al maanden probeer rechtop te staan, maar dat ik telkens neergemept wordt.

Ik ben moe, maar vooral moedeloos. Het leven met twee jonge kinderen is vermoeiend, maar de schaarste ontneemt me alle kracht. Het voortdurend moeten zoeken naar oplossingen, de grenzen waarbinnen ik beweeg die steeds kleiner lijken te worden. Nooit eens zonder nadenken naar de winkel kunnen, een leuke activiteit gaan doen met de jongens. De keuze om een keer naar het zwembad te gaan, weegt hier zo zwaar door als de keuze voor bijvoorbeeld een nieuwe fiets in een ander gezin. Ik zeg al weken alle activiteiten af, wegens een tekort aan energie, maar ook omdat ik geen babysit kan betalen. Van hier met z’n drietjes opgesloten zitten, krijg ik niet bepaald meer moed.

Ik verdien niet slecht. Daarom heb ik geen recht op allerlei hulp, subsidies of steun.

De oplossing ligt er in een bijverdienste te zoeken, maar ik ben nu al zo moe. Ik weet dat ik als zelfstandige in bijberoep waarschijnlijk iets kan opbouwen, maar dat vraagt eerst een inspanning om te starten: me informeren over een statuut, concept uitwerken, website laten maken, … Die dingen zijn nu niet haalbaar. Ik heb al maanden te weinig energie. De achterstand in mijn werk en huishouden lopen op. Mijn schouders onder een groot project zetten is nu niet echt haalbaar. En ik zit volkomen vast. Overdag eisen de kinderen al mijn aandacht, ’s avonds zak ik in als een plumpudding. De berg ongedane dingen die steeds groter wordt, verlamt me. Ik schaam me en voel me schuldig, naar vrienden toe, mijn werkgever, mijn opdrachtgevers, …

In de auto snauw ik mijn kinderen af. De oudste piept: ‘Het is toch nog steeds Pasen hé moeke?’. Ja, het is nog steeds Pasen. Mijn ogen worden nat.

Ik moet moed verzamelen, terug in mijn kracht komen, het beter doen. Ik moet een blijvende oplossing vinden om de financiële druk te verlichten en te zorgen dat ons leven weer ietsje leuker en onbezorgder kan worden. Ik moet zo veel en het lukt me niet. Het is alsof ik telkens maar grip zoek op een wand waar ik op moet klimmen, en mijn hand steeds maar weg glijdt. De neiging om bij de pakken te gaan zitten, wordt steeds groter. Het vechten met mezelf komt nu voor het vechten met de buitenwereld en de omstandigheden, en ik ben moe.

Graag zou ik even bekomen, maar de jongens voelen dat het niet goed gaat en zijn allebei lastig. Maar hoe zou je zelf zijn, als je vier bent, of één, het is Pasen en je moeder snauwt je af?

Het weegt ook op me dat ik mijn grenzen moet aangeven naar de ondeugdelijke man toe. Het is fijn bij hem te zijn, maar ik weet dat de situatie niet klopt en dat ik het dus niet moet willen. Ik vind dat ik aan mezelf verplicht ben niet meer in een Dirkachtige situatie te komen en mezelf dus nu te beschermen, maar ik heb verdriet, omdat het niet anders is.

Oproepje: heb je een aanknopingspunt voor mij voor een bijverdienste die me niet heel veel organisatie kost op dit moment? Graag een mailtje: Prinsesopdekikkererwt@outlook.be