‘Ik ben al zo’n drie jaar met mezelf.’

Ik heb bewust geen tv. Omdat ik merkte dat ik er me snel door liet afleiden, en na een tv-avond het gevoel had uiteindelijk weinig waardevols gezien te hebben. Omdat ik bang was dat ik mijn kinderen ‘voor het gemak’ te veel tv zou laten kijken. Omdat ik graag een boek lees. Omdat ik wil dat mijn  kinderen spelen en in plassen springen. Niet dat kinderen met tv thuis dat niet doen, maar ik ken mezelf een beetje. Ik kan wel eens gemakzuchtig worden. Ik vind trouwens veel kinderprogramma’s zelf eng of heel druk.

Maar soms is er iets op tv dat enorm waardevol is. Waarvoor ik wel drie toestellen in huis zou willen hebben. Vorige week heb ik via internet ‘Down voor dummies’ gekeken. Met kippevel.

Het programma heeft als uitgangspunt dat er in Nederland een test beschikbaar komt die het syndroom van Down bij de baby al tijdens de zwangerschap met vrij grote zekerheid kan vaststellen (ik denk dat die test in B al in gebruik is). Dat zou wel eens tot gevolg kunnen hebben dat er steeds minder kinderen met Down geboren zullen worden in Nederland. Barry Atsma vertelt dat hij zelf een broer heeft met Down, en zich het leven zonder zijn broer niet kan voorstellen. En dat hij graag wil weten hoe het is om te leven met Down. Daarvoor worden drie dames met Down gevolgd in hun leven, in de contacten met hun ouders, in hun zoektocht naar ‘de ware’ of het verwerken van liefdesverdriet, in perikelen rond werk, keuzes rond geboortebeperking, reflecties rond vriendschap…

Vier dingen vind ik geniaal aan het programma:

1. Er wordt zo vaak OVER mensen met Down gesproken. Hier komen ze zelf aan het woord, en zelf in beeld.

2. In mijn vrijwilligerswerk heb ik vaak met mensen met Down gewerkt. De serie is erg authentiek, alle mooie en minder mooie kantjes van Down komen in beeld. De emoties die bijvoorbeeld heel snel tot uitbarsting komen en enige koppigheid, maar ook die onvoorwaardelijke liefde en dat ontwapenende enthousiasme. Hun beperkingen, mentaal en emotioneel, maar ook de vrijheid waarmee ze dansen, knuffelen, nieuwe dingen willen leren, …

3. De serie schuwt geen moeilijke onderwerpen. Het is waarschijnlijk ‘ollands’ maar het wordt allemaal ‘direct’ besproken: de gevoelens die de ouders hadden toen ze een kind met Down kregen, de prenatale test die de broer en schoonzus van één van de dames doet als ze een kindje verwachten, sterilisatie, kinderwens, de ‘bemoeienissen’ van de ouders, …

4. Last but not least: mijn slotconclusie na elke aflevering is dat de dames eigenlijk met net dezelfde vragen bezig zijn in hun leven dan ik. En dan de meeste van ons. Alleen misschien net dat stukje eerlijker, directer, opener. En eenvoudiger. De vraag of je kinderen wil en ervoor kan zorgen. De vraag hoe je iemand kan benaderen die je leuk vindt. Carrièreplanning. De vraag of je werk leuk genoeg is om voor altijd te willen doen. De vraag hoe je problemen met je baas oplost. Vragen over wat een gezonde afstand/nabijheid tot je ouders is. De vraag hoe je gelukkig met iemand kan zijn. De vraag hoe je verdriet een plek geeft. Geniaal.

Mijn favoriet fragment? Het antwoord van één van de dames op de vraag of ze een relatie had: ‘Ik ben al zo’n drie jaar met mezelf.’
Wel, mensen, ik ben intussen zo’n vijf maanden met mezelf. En dat kan best meevallen bij momenten ;). Ik weet meestal goed wat ik wil, en maak alleen wat ik zelf graag lust. Ik maak weinig rommel en ruim altijd alles zelf weer op. Ik doe het dopje op de tandpasta en zet mijn  kopje in de afwasmachine. Ik mag altijd de film kiezen. En meestal de cd. Fijn, toch?

Voor wie ook toe is aan een half uurtje levenswijsheid en niet te vergeten, Barry Atsma:

Down voor Dummies