Vlak

Alles is een beetje vlak vanbinnen. Fietsend in het bos, vanochtend, dacht ik dat de mechanismen van onze ziel, onze psyche, wat het ook is, toch wel schitterend afgestemd staan: krijg je een klap, voel je even niets. Dan ga je even in je nest zitten schuilen en wat rommelen, en krijg je de dingen weer wat op orde (ok, in die fase zit ik nog niet bepaald) en waarschijnlijk – als je het weer wat redt – wordt het gevoel gedoseerd los gelaten, zodat je er nog een tijdje mee zit, maar je het rustig aan kan verteren. Zoiets.

Ik lees de reacties hier, haal er veel dingen uit voor mezelf. Schrijf dingen op. Probeer ook praktische oplossingen te vinden. Voor vandaag, voor morgen, misschien zelfs voor volgende week. En de langere termijn ook ja, maar dat is nu even moeilijk.
Ik bedenk dat het een luxe zou zijn mijn werk gewoon rustig en relax te kunnen gaan doen, zodat mijn mentale capaciteit kan gaan naar kwaliteit van werk, niet naar me zorgen maken.
Verder probeer ik gewoon grip te krijgen. Op werk, op huishouden, op kinderen.

Ik denk even aan de efficiënte tot in de puntjes georganiseerde persoon die ik kan zijn, staar naar de lijstjes die ik maak en waarop ik het bos door de bomen niet meer kan zien en vooral niet zie waar te beginnen. Ik kan me niet echt goed voorstellen dat ik bergen kan verzetten, wat werk betreft, op de meeste dagen als ik gewoon wat beter in mijn vel zit. Maar ik ben vastbesloten weer in die modus te geraken.

Ik vertelde aan twee vriendinnen wat over de afgelopen dagen. Moest zelf bijna huilen van het lachen toen ik vertelde dat hij, o ja, we noemen hem Dirk, dat Dirk dus voor me kwam koken, en dat ik alleen maar naar het tafelkleed kon staren en dat ik dacht ‘kom terug, gewoon terugkomen, dan is het opgelost’ en dat hij met een dramatisch gebaar nog een zoen op mijn hoofd drukte voor het gaan. Hij is altijd goed geweest in redden. Eén van de vriendinnen zei: ‘Het is wel door hem dat je in deze situatie zit, hé’. Ja, dat was ik niet vergeten. Of misschien even wel. En wat absurd dat ik dan zit te smachten naar een terugkeer van iemand die niet deugt voor mij. Jeetje. En dat ik hem laat koken en me laat redden en zo’n dramatische kus op mijn voorhoofd laat drukken, terwijl ik ook wel zelf kan koken, mezelf kan redden en die kus strikt gezien niet nodig had.

… Op een manier is het soms dus wel heel grappig.

Toch?